Maatregel heffingskorting voor niet-inwoners van Nederland

okt 2, 2018

Uit een brief van de staatssecretaris van Financiën Menno Snel aan de Eerste Kamer

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2018/09/18/fiscale-moties-en-toezeggingen-eerste-kamer

Datum 18 september 2018 Betreft Fiscale moties en toezeggingen Eerste Kamer

Geachte voorzitter,

Graag geef ik in deze brief gevolg aan twee toezeggingen die op mijn beleidsterrein liggen. Daarnaast ga ik in deze brief ook in op de stand van zaken van een openstaande toezegging.

I Afgedane moties en toezeggingen

De volgende toezeggingen beschouw ik als afgehandeld.

Toezegging maatregel heffingskorting in de loonbelasting voor niet-inwoners.

Tijdens de behandeling van het pakket Belastingplan 2018 in uw Kamer is gesproken over de gevolgen van het per 2019 niet meer via de loonbelasting toekennen van het belastingdeel van onder meer de algemene heffingskorting bij buitenlandse belastingplichtigen. Naar aanleiding van vragen van de leden Van Rij, Backer en Sent heb ik toegezegd nog een keer te kijken naar de hele groep van zowel kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen als niet-kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen en uw Kamer te informeren over de mogelijk onvoorziene gevolgen van de maatregel.

De loonbelastingmaatregel voorkomt bij veel niet-kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen terugvorderingen van in de loonbelasting verleende heffingskortingen. Daar staat tegenover dat het voor kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen op onderdelen mogelijk iets bewerkelijker wordt om de heffingskortingen te realiseren waarop zij recht hebben. Zij kunnen tijdelijk een liquiditeitsnadeel hebben of vanaf 2019 voor het effectueren van het belastingdeel van de algemene heffingskorting te maken krijgen met het aanvragen van een voorlopige aanslag inkomstenbelasting. Bij de vormgeving van de maatregel zijn die consequenties onderkend en meegewogen en is geprobeerd zo veel mogelijk recht te doen aan de positie van de verschillende groepen grenswerkers en van de Belastingdienst. Bij de voorbereiding van de invoering van de loonbelastingmaatregel per 2019 door de Belastingdienst zijn verder geen onvoorziene gevolgen van die maatregel naar voren gekomen.

Hieronder ga ik uitgebreider in op de achtergrond van de maatregel, de voorlopige aanslag inkomstenbelasting in samenhang met de maatregel, de bijzondere positie van inwoners van België en de voorgenomen communicatie over de maatregel.

Achtergrond maatregel

In het pakket Belastingplan 2018 is geregeld dat buitenlandse belastingplichtigen met ingang van 2019 het belastingdeel van de heffingskortingen – met uitzondering van de arbeidskorting voor inwoners van een nader omschreven landenkring – niet meer via de loonbelasting ontvangen. Hiermee wordt met ingang van die datum voorkomen dat grote aantallen buitenlandse belastingplichtigen via de loonbelasting te veel aan heffingskortingen ontvangen, waarop ze in de inkomstenbelasting geen of minder recht hebben. Deze moeten dan via het aanslagtraject in de inkomstenbelasting weer worden teruggevorderd, met de daaraan verbonden (uitvoerings)lasten en handhavings- en invorderingsrisico’s. Door de heffingskortingen – met uitzondering van de arbeidskorting – alleen via de inkomstenbelasting toe te kennen, wordt deze toekenning beter gericht. Immers, via de inkomstenbelasting krijgen alleen de (kwalificerende) buitenlandse belastingplichtigen de heffingskortingen die daar ook recht op hebben. Eenzelfde resultaat kan niet worden bereikt via wijzigingen in de toekenning in de loonbelasting. Voor de werkgevers zal namelijk veelal niet vast te stellen zijn of en in hoeverre de in het buitenland wonende werknemers uiteindelijk in de inkomstenbelasting recht zullen hebben op heffingskortingen. Als toekenning via de loonbelasting wordt toegestaan, blijft het reële risico bestaan dat in een groot aantal gevallen de in de loonbelasting (tot een te hoog bedrag) toegekende heffingskortingen alsnog via de inkomstenbelasting (voor het meerdere) moeten worden teruggevorderd.

Voorlopige aanslag inkomstenbelasting

Kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen hebben in de inkomstenbelasting wel recht op het belastingdeel van bijvoorbeeld de algemene heffingskorting. Het hiermee niet langer rekening houden bij de inhouding van loonbelasting, kan leiden tot een vertraging in de toekenning. Dat is het geval indien deze heffingskorting eerst bij de definitieve aanslag inkomstenbelasting wordt vergolden. Een dergelijke vertraging (liquiditeitsnadeel) kan in de meeste gevallen worden ondervangen door het belastingdeel van de (algemene) heffingskorting via een voorlopige aanslag inkomstenbelasting al toe te kennen gedurende het jaar waarin de werkzaamheden worden verricht. Dit ligt echter alleen voor de hand indien op dat moment voldoende zeker is dat hierop uiteindelijk bij de definitieve aanslag inkomstenbelasting ook recht zal bestaan. Zo niet, zou dit ertoe kunnen leiden dat de bij voorlopige aanslag toegekende heffingskortingen – in veel gevallen – toch weer zouden moeten worden teruggenomen bij de definitieve aanslag. Bij de vormgeving van de loonbelastingmaatregel is bezien in welke gevallen het recht op het belastingdeel van de algemene heffingskorting voldoende vaststaat om hiermee alvast in de voorlopige aanslag inkomstenbelasting rekening te houden. Dit is het geval nadat voor – ten minste – een jaar achteraf is vastgesteld dat een persoon kwalificerende buitenlandse belastingplichtige is. In de jaren daarna kan dan, zolang sprake is van dezelfde inkomstenbron en de omstandigheden voor het overige niet zijn gewijzigd, het belastingdeel van de algemene heffingskorting al via een voorlopige aanslag inkomstenbelasting.

Dit geldt vanaf het jaar 2019 ook voor buitenlandse belastingplichtigen bij wie al voor een eerder jaar is vastgesteld dat sprake is van kwalificerende buitenlandse belastingplicht (mits uiteraard de relevante omstandigheden niet zijn gewijzigd). Voor een buitenlandse belastingplichtige die begint met werken in Nederland betekent het voorgaande dat het belastingdeel van de algemene heffingskorting dus tijdelijk alleen achteraf – bij de definitieve aanslag – kan worden toegekend (totdat voor een jaar is vastgesteld dat sprake is van kwalificerende buitenlandse belastingplicht). Voor een verdergaande versoepeling zie ik geen ruimte omdat dit te grote risico’s zou meebrengen dat de algemene heffingskorting ten onrechte bij de voorlopige aanslag zou worden toegekend (en weer zou moeten worden teruggevorderd).

Inwoners van België

Voor inwoners van België die in Nederland werken3geldt een afwijkende situatie. Op basis van een in het belastingverdrag met België opgenomen specifieke non-discriminatiebepaling en een daarmee verband houdende goedkeuring in een beleidsbesluit4, hebben alle inwoners van België met werkzaamheden in Nederland recht op onder meer het belastingdeel van de algemene heffingskorting. Hiervoor is niet van belang is of zij kwalificerende buitenlandse belastingplichtige zijn. Inwoners van België kunnen daarom, in afwijking van het voorgaande, al vanaf het eerste moment dat zij in Nederland werken het belastingdeel van de algemene heffingskorting gedurende het jaar waarin de werkzaamheden worden verricht via een voorlopige aanslag inkomstenbelasting vergelden. In zoverre geldt voor inwoners van België dus een gunstigere behandeling dan bijvoorbeeld voor inwoners van Duitsland.

Communicatie

De loonbelastingmaatregel raakt een omvangrijke groep buitenlandse belastingplichtigen. Een goede communicatie hierover is daarom van groot belang. Zoals aangegeven in de 21e Halfjaarsrapportage van de Belastingdienst wordt in dit kadereen zorgvuldig communicatietraject opgezet voor zowel de bij de Belastingdienst bekende kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen als de werkgevers. In het vierde kwartaal van 2018 ontvangen deze kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen en inwoners van België die een inhoudingsplichtige hebben een brief van de Belastingdienst. Daarin wordt de wijziging per 1 januari 2019 uiteengezet en wordt ingegaan op de manier waarop deze belastingplichtigen hun recht op het belastingdeel van de heffingskortingenkunnen effectueren.

84 Reacties

  1. Kan deze tekst ook in Jip en Janneke taal? Dertig jaar geleden naar Oostenrijk verhuisd. 17jaar in Nederland gewerkt, waarvan 12 jr vd overheid. Getrouwd met Oostenrijker. In O. ook altijd gewerkt. Snap weinig meer vd ambtelijke taal. Vr Gr

    Antwoord
    • Kort en goed wat in het buitenland wonende gepensioneerden met pensioen uit Nederland betreft: de algemene heffingskorting (belastingdeel) zal hun vanaf 2019 niet meer worden toegekend door hun pensioenfondsen en de SVB (bij de maandelijkse uitbetaling van pensioen en AOW) tenzij bij voorbaat aannemelijk is dat ze kwalificeren als buitenlands belastingplichtige. Dat laatste is het geval als ze eerder kwalificeerden als buitenlands belastingplichtige en in de tussentijd de relevante omstandigheden niet veranderden. Uitzondering zijn degenen die in België wonen: die hebben als buitenlands belastingplichtige altijd recht op de algemene heffingskorting.
      Wie de algemene heffingskorting wil krijgen moet dat bij aangifte ib of bij verzoek om voorlopige aanslag ib zien te regelen vanaf 2019.

      Antwoord
  2. Heb de laatste jaren nooit meer een formeel antwoord gekregen van de belastingdienst op mijn NINBI-verklaring. D.w.z. dus ook nooit een definitieve afrekening over de Zvw-bb betalingen ontvangen. Wat een zooitje ongeregeld met achterbakse trukendozen zoals de bovenstaande en het nodeloos ingewikkelde taalgebruik zonder enige vorm van definitie van de kreten als “buitenlands gekwalificeerd belastingplichtige”.
    Ben ik dat in Frankrijk met mijn nederlandse AOW en nederlandse pensioen of slaat die warboel-kretologie op Nederland en de buitenlanders die daar wonen en werken en dus daar, in NL belasting betalen ?
    Laat staan dat er iets duidelijk is over enigerlei heffingskortingen, voor zover die al bestaan voor nederlanders in het buitenland met een pensioen uit Nederland.
    Hoezo aangifte IB in Nederland ? Ik betaal de hele mep aan belastingen op mijn “revenue” in Frankrijk, inclusief “Foncieres” en “Habitation”,die mede gebaseerd zijn op mijn inkomen.
    En die veelbesproken “CSG”-heffing in Frankrijk ? Telt die ook niet mee in NL ?
    Krijg ik voor al die franse heffingen ook een of andere heffingskorting-compensatie voor vanuit NL ? Ja of Nee ?
    Mag ik die franse belastingen aftrekken van mijn inkomen voor de NINBI-verklaring en dus minder Zvw-bb betalen ? Slechte vraag kennelijk..
    Nooit antwoord op gehad vanuit NL’s belastingdienst. (Zie PS)
    Noch van een rechter in NL (RB of CrvB) : doodse stilte, gewoon doodgezwegen in de uitspraken.
    ,Dat gaat onder het mom ; wat niet in de uitspraak staat, bestaat niet, dus noemen we het niet !
    En het bezwaarschrift hebben we OF niet gelezen (AMS-RB) OF we willen er nu niet over praten (CrvB), we luisteren alleen maar naar de CVZ-ZIN-juf met haar knipperende ogen, die nergens een ander antwoord op heeft dan “Meneer moet betalen”.
    Ergo : Geef mijn portie maar aan fikkie, ik, overleef wel, ook zonder heffingskortingen en andere mierenn…..ij en uitzonderingsregels of “voorlopige aanslagen IB die je nooit krijgt.
    Groet, Hans Carstens, Frankrijk.

    Antwoord
    • Ik zit met deze zelfde ellende . Nooit brief van zowel de belastingdienst en het ABP ontvangen. In hun monitor zag ik dat ik er per 1 januari met € 104,= netto erop achteruit ga .
      Walgelijk vind ik dit . Temeer omdat niemand mij duidelijke uitleg of verklaring kan geven . Het enige wat mij verteld wordt is; dat het een politiek besluit is en dat in bezwaar gaan of om het toch proberen terug te krijgen via een voorlopige aanslag totaal geen zin heeft . Maar ik laat het niet hierbij. Bedenk hierbij welke enorme vrijstellingen de grote bedrijven genieten. En het hele thema rond de dividend belasting . Roven van de arme of gewone man om dit vervolgens te schenken aan de rijken. Walgelijk gewoon . Hoe lang nog accepteren wij dit inconsequente beleid?

      Antwoord
      • Ik woon op Madeira, Portugal en heb exact hetzelfde probleem en krijg ineens E 170 minder ABP pensioen en ook mijn AOW is E 70 minder vanaf 1 januari 2020 KASSA!

        Ik begrijp het hele verhaal kwalificerend buitenlands belastingplichtige ook niet.

        Over 2018 moet ik ineens het formulier inkomensverklaring kwalificerend buitenlands belastingplichtige door de Portugese belastingdienst laten invullen.

        In de uitleg v.d. Bel.dienst staat dat dit moet wanneer meer dan 90% van het wereld inkomen in NL is belast, wel, dat klopt, zowel mijn ABP als mijn AOW wordt volledig in Nederland belast, dit omdat mijn AOW toevallig E 125,– meer is dan E 10.000 per jaar en vanaf E 10.000 Ned mag heffen.

        Ik lees nu op het formulier inkomensverklaring kwalificerend buitenlands belastingplichtige dat de belastingdienst mij vraagt in te vullen en te laten ondertekenen in Portugal dat daarop moet worden ingevuld het inkomen dat NIET in Nederland belast is.
        Al mijn inkomen is in Nederland belast en ik begrijp nu helemaal niet meer hoe het zit en of dat een voor of nadeel is. Ik wordt er zo langzaam aan radeloos van!

      • Het verkrijgen van een door het woonland (de belastingdienst van het woonland) ondertekende inkomensverklaring, waarvan het model voorgeschreven door de Ned. belastingdienst en in het Portugees beschikbaar, is een voorwaarde gesteld door Nederland om kwalificerend belastingplichtige te kunnen worden. De Ned. Belastingdienst wil namelijk toetsen of ten minste 90% van het wereldinkomen ter heffing aan Nederland is toegewezen (dat is het eerste criterium om te kunnen kwalificeren). Wenselijk is dat er een proefprocedure komt om ook op basis van vrije bewijsleer, wat zou kunnen inhouden: met name de belastingaangifte en belastingaanslag van het woonland overleggen i.p.v. de inkomensverklaring, ook te kunnen aantonen dat men kwalificeert. VBNGB is daarmee begonnen in een Portugese casus, waar net als bij u, de inkomensverklaring maar niet afkwam. Lopende de procedure is dit laatste echter alsnog geschied. Kwalificeren betekent dat men recht krijgt op de fiscale voordelen van Nederland bij de vaststelling van de aanslag: heffingskortingen (dwz de belastingdelen), persoonsgebonden aftrek, e.d. Zie voor de uitleg elders op deze site.

      • Vriendelijk dank voor het bericht, ik hoop dat de proefprocedure nog loopt ook nu de desbetreffende landgenoot wel het ondertekende formulier KBB van de Portugese belastingdienst heeft ontvangen.

        Wat ik nu zo vreemd vind in de hele situatie is dat de Ned. belastingdienst wil zien dat tenminste 90% van het wereld inkomen in Nederland belastbaar is.
        Van mijn inkomen is 100%, zowel mijn AOW als ABP pensioen, belast in Nederland.

        Op het formulier voor inkomensverklaring KBB moet het inkomen worden ingevuld dat “niet” in Nederland wordt belast.
        Dat kan ik dus niet doen want alles wordt in Nederland belast terwijl ik, fiscal resident van Portugal ben en daar ook permanent woon.

        Het lijkt er op dat ik nu, door deze situatie, ook nog weer een hogere belasting aanslag ga krijgen omdat mijn inkomen 100% is belast in Nederland en ik, naast dat ik moeite heb met het formulier te laten invullen (gaat mij echt niet lukken vanaf een Madeira)
        daardoor niet meer wordt aangemerkt als KBB en geen heffingskortingen meer krijg.

        Ik zei al eerder, ik wordt er radeloos van, het zou zo eenvoudig moeten zijn voor iemand met alleen een klein pensioen en AOW uitkering zonder verdere bezittingen, ik begrijp het gewoon helemaal niet meer.

        Samengevat:
        Ik betaal over mijn wereldinkomen (AOW en ABP) 100% belasting in Nederland.
        Kan dus niet aangeven welk bedrag niet in Nederland is belast
        Het lijkt onmogelijk het formulier inkomensverklaring KBB ondertekend te krijgen in Portugal
        Dit betekent dat ik geen KBB ben
        Hetgeen zou betekenen dat ik (nog) meer belasting moet betalen
        Confused?

      • U kunt bij “inkomen niet belastbaar in Nederland” ook gewoon €0 invullen, hoor.

      • Beste Willy. Ik begrijp uw frustratie. Het is wenselijk dat we duidelijk krijgen in welke mate het moeilijk is in Portugal de inkomensverklaring ondertekend te krijgen.
        Ik beveel aan aan degenen die wonend in Portugal denken in aanmerking te komen voor het Nederlandse kwalificeren:
        a. Altijd aangifte inkomensbelasting ook in Portugal te doen, ook al is er geen door Portugal te belasten inkomen. Daarop moet dan uiteraard een nihilaanslag volgen.
        b. De in het Portugees gestelde inkomensverklaring (daarop) ter ondertekening aan te bieden.
        c. Mocht b toch niet lukken het door mij genoemde centrale adres van de Portugese belastingdienst aan te schrijven om dit alsnog voor elkaar te krijgen.
        d. mocht ook c niet baten, dan indien men wel kwalificeert op (voorlopige) aanslag bij de Ned. belastingdienst bezwaar te maken tegen niet toekennen van het kwalificeren bij formeel bezwaarschrift onder vermelding van de feiten. Dit moet tijdig gescheiden (6 weken bezwaartermijn) en onder overlegging van de Portugese aangifte, en zo mogelijk de Portugese (geringe of nihil) aanslag waaruit af te leiden is dat 90% van het wereldinkomen of meer door Nederland belast is.
        e. Mocht de Ned. Belastinginspecteur persisteren dat er wel een door Portugal te overleggen inkomensverklaring komt, te vragen om uitstel van afhandeling van het bezwaarschrift tot die verklaring er wel is (ik ken gevallen dat deze na lange tijd inderdaad toch kwam).
        f. Mocht de Ned. belastingdienst dit uitstel van afhandeling van het bezwaarschrift niet geven, en geen status als kwalificerende afgeven, tijdig ( 6 weken termijn) in beroep te gaan bij de Ned. belastingrechter en een beroep te doen op de vrije bewijsleer om aan te tonen dat men aan het 90% kriterium voldoet. Voor leden van de VBNGB geldt waarschijnlijk dat zij daarbij voor juridische ondersteuning in de procedure bij de rechter een beroep kunnen doen op de VBNGB. (De lopende Portugese beroepsprocedure richt zich niet langer op het ontbreken van een inkomensverklaring, maar op een situatie dat niet aan het 90% kriterium is voldaan maar toch geen belasting wordt betaald aan Portugal- is dus een bijzondere situatie).
        g. mocht men willen afzien van een beroepsprocedure dan zal, indien Portugal uiteindelijk toch nog met een inkomensverklaring in een laat stadium komt, men deze kunnen gebruiken om bij verzoekschrift achteraf de status van kwalificerende te krijgen. Dit afwachten heeft echter als nadeel dat bij afwijzing door de Ned. belastingdienst geen beroep bij de rechter meer openstaat.

  3. Gericht aan de Tweede Kamer. Betreft Schriftelijke beantwoording WGO I – pakket Belastingplan 2019

    Geachte voorzitter,
    In deze brief treft u de schriftelijke antwoorden aan op een deel van de vragen die zijn gesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 5 november 2018 over het pakket Belastingplan 2019.

    “Heffingskortingen
    De heer Van Rooijen wijst op een brief van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) waarin staat dat de SVB vanaf 1 januari 2019 door een wetswijziging de heffingskortingen niet meer toepast op een AOW-pensioen of Anw-uitkering. De heer Van Rooijen vraagt hierover helderheid te verschaffen en vraagt of het feit dat buitenlandse belastingplichtigen het belastingdeel van de heffingskortingen voortaan alleen via de inkomstenbelasting kunnen verzilveren voor hen enkel negatief uitpakt. In Overige fiscale maatregelen 2018 is geregeld dat buitenlandse belastingplichtigen met ingang van 2019 het belastingdeel van de heffingskortingen niet meer via de loonbelasting ontvangen (de loonbelastingmaatregel).20 De SVB heeft recent aan buitenlandse belastingplichtigen die een AOW-pensioen of een Anw-uitkering ontvangen een brief gestuurd over deze wetswijziging. Daarbij heeft de SVB vier doelgroepen onderkend, afhankelijk van het woonland en of sprake is van verzekerd zijn voor ten minste één van de volksverzekeringen. Iedere doelgroep heeft een op die doelgroep afgestemde brief ontvangen.
    De loonbelastingmaatregel voorkomt vanaf 1 januari 2019 bij veel zogenoemde niet-kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen bijbetalingen of terugvorderingen in de inkomstenbelasting ter zake van in de loonbelasting verleende heffingskortingen. Daar staat tegenover dat het voor zogenoemde kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen op onderdelen mogelijk iets bewerkelijker wordt om de heffingskortingen te realiseren waarop zij recht hebben. Voor een meer uitgebreide toelichting verwijs ik naar mijn brief van 18 september 2018 aan de Eerste Kamer inzake de fiscale moties en toezeggingen.21”
    Voetnoot 21: Kamerstukken I 2018/19, 35026, A.
    De staatssecretaris van Financiën,
    Menno Snel

    Antwoord
  4. Ik vindt het schandalig en discriminerend en waar blijven de rechten van iinwoners van de EU die zo mooi aangeven dat je overal terecht kunt in Europa om te wonen en te leven!! Ja betaalt je hele leven voor je AOW en mist al een heleboel omdat je in het buitenland hebt gewoond en dan gaan ze ook nog eens voor AOWers die in het buitenland wonen onderscheid maken zodat die met heel veel moeilijkheden en problemen hun heffingskorting krijgen (waar ze uiteindelijk recht op hebben waarom krijg je dat wel in nederland en niet in het buitenland) veel AOWers zullen hierdoor in de problemen komen en mogelijk terug naar nederland gaan omdat ze niet meer kunnen rondkomen! dit zal Nederland veel meer geld gaan kosten. Ik vindt het ronduit schandalig

    Antwoord
    • Mee eens, wij wonen 10 jaar in Duitsland en werken in Nederland. Wij hebben daar een eigen bedrijf. We leveren door het vele belastinggeld dat we moeten afdragen (loonbelasting van personeel, BTW, eigen inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting) een goede bijdrage aan de Nederlandse economie en staatskas. Toch kon er voor ons gehandicapte dochtertje dat destijds nog in NL op school zat geen aangepast tafeltje in de klas komen, want ze betaalde geen bijdrage aan de Wajong (welk kind doet dat wel??). Heeft uiteindelijk de Duitse Krankenkasse betaald uit coulance, omdat ze het zo’n onterechte situatie vonden. Nu dit weer. Gevolg is dus minder geld per maand en moeite moeten doen om de rest te krijgen.
      Lijkt me dat deze maatregel voor nieuwe gevallen gedurende het eerste jaar toegepast zou kunnen worden om vast te stellen of ze recht hebben op heffingskortingen, maar niet op Nederlanders die al jaren in het buitenland wonen.
      Eerlijk gezegd voelt Nederland steeds minder als vaderland op deze manier. Wij overwegen in ieder geval om ook maar in Duitsland te gaan werken en ons bedrijf in NL op te heffen.

      Antwoord
      • @Jan
        Wie in 2019 als in Nederland werkende ondernemer kbb’er zal zijn kan op basis van (een verzoek tot) voorlopige aanslag de heffingskortingen (in elk geval het belastingdeel, daar hebben we het hier over) wel direct blijven ontvangen.

    • Ik ben het met u eens, ik heb ook AOW en pensioen maar wil wel even een correctie aanbrengen.
      De meesten van ons betalen hun hele leven voor hun pensioen, hetgeen iets heel anders is dan AOW.
      We betalen namelijk tijdens ons werkende leven niet voor de AOW maar voor de mensen die op dat moment AOW ontvangen. Ons AOW wordt betaald door de mensen die nu werken.

      Antwoord
  5. 35 026 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2019)
    Nr. 57 VERSLAG VAN EEN WETGEVINGSOVERLEG
    Vastgesteld 16 november 2018
    De vaste commissie voor Financiën heeft op 5 november 2018 overleg gevoerd
    Daaruit de Heer van Rooijen (50PLUS):
    “Voorzitter. Ik wil me vanwege de tijd even beperken. Ik ga nu in op een heel specifiek punt. Daarvoor heb ik het volgende voor mij. Ik heb hier een brief van de Sociale Verzekeringsbank van oktober met als onderwerp «Lager AOW-pensioen of lagere AOW-uitkering?» Daarin staat: «U ontvangt een AOW-pensioen. Wat verandert er? Door een wetswijziging passen wij het belastingdeel van de heffingskortingen vanaf 1 januari niet meer toe op uw AOW-pensioen. Vanaf die datum passen wij alleen nog het premiedeel toe. Wat betekent dat voor u?» Die brief gaat dus naar een paar miljoen mensen. «Wij houden meer belasting in op uw AOW-pensioen of Anw-uitkering. Daardoor ontvangt u vanaf 1 januari 2019 een lager nettobedrag van de Sociale Verzekeringsbank», met dank aan wie dan ook. «Omdat de bedragen van 2019 nog niet bekend zijn, kunnen we nog niet zeggen hoeveel lager dat nieuwe nettobedrag wordt.» Die mensen hebben een maand geleden die brief gekregen, hè? «Wat kunt u doen? Doet u nu in Nederland aangifte voor de inkomstenbelasting of gaat u door de wetswijziging aangifte doen in Nederland? Dan kunt u het belastingdeel van de heffingskortingen via de inkomstenbelasting krijgen als u aan de voorwaarden voldoet.» Dan komt er een verhaal: kijk naar de voorwaarden op belastingdienst.nl, zoek bij «kwalificerend buitenlands belastingplichtige», klik vervolgens op «wanneer ben ik kwalificerend buitenlands belastingplichtige?». Dan is het vervolg: «U krijgt de heffingskortingen pas in 2020 na afloop van het belastingjaar 2019. Wilt u er eerder gebruik van maken, vraag dan bij de Nederlandse Belastingdienst om een voorlopige aanslag.» Dus bij de Nederlandse Belastingdienst! «Voldoet u niet aan de voorwaarden voor de heffingskortingen en kreeg u altijd een naheffing van de Nederlandse Belastingdienst omdat u te weinig belasting had betaald, dan krijgt u voortaan geen naheffing of u krijgt een lagere naheffing.» «Wanneer hoort u meer van ons? Binnenkort.»
    Ik heb hier stapels mails van mensen die hierdoor, net als door de aflosboete vorig jaar, werkelijk totaal van streek raken. Ik zal ze omwille van de tijd hier niet voorlezen, maar ik wil wijzen op twee punten. Op de vraag van het CDA hoe het nu zit met het feit dat die loonbelastingmaatregel vervalt voor het belastingdeel, heeft u geantwoord dat dat uitsluitend via de inkomstenbelasting kan. Aan het slot van dat antwoord zegt u: «Alleen buitenlandse belastingplichtigen van buiten de landenkring krijgen hiermee vanaf 2019 te maken.» Met «hiermee» wordt bedoeld dat ze het belastingdeel niet meer terugkrijgen. Maar in antwoorden aan mevrouw De Vries en ook aan collega Omtzigt vorig jaar werd, als ik het goed heb gelezen, gezegd dat eigenlijk niemand erop achteruit zou gaan en dat alleen het moment zou veranderen: niet via de loonbelasting maar op het moment van de inkomstenbelasting, dat flink later is. Kan de Staatssecretaris met een uitvoerige brief, hopelijk voor het debat van volgende week dinsdag, klip-en-klaar toezeggen dat hij duidelijk maakt of het voor niemand nadelig is of dat het in ieder geval alleen nadelig zou zijn voor die buitenlandse belastingplichtigen van buiten de landenkring die niet kwalificerend zijn?
    We praten overigens over 130.000 kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen, die het dan voortaan via de inkomstenbelasting regelen, en over 350.000 niet-kwalificerende belastingplichtigen. Zij hoeven dus niet meer via de Belastingdienst terug te betalen, maar zijn er daarbinnen toch nog mensen die erop achteruitgaan? Graag een duidelijk antwoord. “

    Antwoord
    • Ook wij gaan met abp pensioen er 106 euro per maand op achteruit. Gebeld met de belastingdienst, een aardig persoon;lange tijd in de wacht gezet. Uitslag:wij krijgen een brief met aanvraag van teruggave; volgens deze meneer hadden wij recht op teruggave. Hij heeft het geïnformeerd bij een speciale pensioen afdeling. Ik vind het de zoveelste discriminatie tegenover Nederlanders in het buitenland. Ook aangezien wij via een brief aan de ing van belastingdienst ons woonland Frankrijk is waar wij alle belasting en revenu etc betalen; en dus in twee landen belasting betalen wat mijnsinzien niet kan.Het abp wil zelf inhouden. Laat het maar naar Frankrijk komen.

      Antwoord
    • Ja hoor, 50 euro netto er op achteruit omdat ik niet kwalificerende buitenlands belastingplichtig ben. Dus 600 euro er netto per jaar op achteruit!

      Antwoord
  6. Ook voor de heel simpele belastingplichtige, waarvan in het woonland Oostenrijk het bedrijfspensioen wordt belast en waarvan de AOW in Nederland wordt belast, hakt de KBB-matregel er flink in, zoals onderstaande berekening laat zien.

    Belastingplichtige, AOW gerechtigd met partnertoeslag, gehuwd, geboren in 1946. De AOW is in Nederland belast. Het bedrijfspensioen van 24.745 € is in het woonland belast. Heffingskorting wordt door SVB toegepast.

    Inkomen vóór Nederlandse belastingen
    AOW pensioen: 17.456 €
    Totaal vóór Nederlandse belasting: 17.456 €
    Netto inkomen met heffingskortin: 17.070 €
    Netto inkomen zonder heffingskorting: 14.312 € *)

    De regeling KBB betekent in dit geval een teruggang in netto inkomen van 2.758 €, ruim 16% van het netto besteedbare AOW inkomen.

    Het bedrijfspensioen wordt in Oostenrijk belast, waarbij het AOW-inkomen wordt betrokken in de berekening (Progressionsvorbehalt). Ná Oostenrijkse belastingen bedraagt het netto inkomen 18.582 €, tesamen met de netto AOW bedraagt het totale netto besteedbare inkomen met belastingvoordeel 35.652 € en zonder belastingvoordeel 32.894 €

    De regeling KBB betekent in dit geval een teruggang in netto inkomen van 2.758 €, ruim 7,5 % van het totale netto besteedbare inkomen

    *) Op basis van groene maandloontabel van de SVB per 1-1-2018 is de loonheffing i.p.v. 41,33 € per maand 255,95 € per maand

    Dus ook voor niet-kwalificerende buitenlands belastingplichtigen BINNEN de landenkring, werkt de toepassing van de KBB-regel nadelig uit en dan heb ik het niet over een “tientjes” kwestie!

    Antwoord
    • Dank voor de toelichting. Uw berekening is echter niet juist. Het recht op heffingskorting betreft slechts het belastingdeel in de standaardheffingskorting: dat is veel lager. Slechts, vooral uitgezonden, werknemers in Oostenrijk hebben soms, lang niet altijd, met premieheffing volksverzekeringen naar Nederlandse wetgeving te maken (en dan ook met de premiedelen in de standaardheffingskorting). Voor rechten van gepensioneerde verdragsgerechtigden in het kader van de bijdrage aan CAK zij verwezen naar de website van het CAK of mijn column over die bijdrage (deel 3).

      Antwoord
  7. Nog even vergeten . . . . De 727 verdragsgerechtigden in Oostenrijk wensen een overgangsrecht voor reeds buiten Nederland wonende gepensioneerden met een Nederlands pensioen.

    Antwoord
    • Dat zal niet lukken. Met terugwerkende kracht worden geen overgangsregelingen ingesteld. Dat had de politiek in 2014 moeten beslissen. Je kunt dus hoogstens de regeling als zodanig veranderen.

      Antwoord
      • Het hoeft niet met terugwerkende kracht, want de regel wordt pas per 1.1.2019 toegepast. En wat Oostenrijk betreft mag de regel als zodanig ook veranderd worden . . .

      • Als het dus alleen gaat om het te ontstane liquiditeitsprobleem in 2019 op te lossen voor degenen die uiteindelijk niet blijken te kwalificeren denk ik niet dat het, mede gezien de niet al te hoge bedragen veel kans maakt. KBB ‘ers kunnen het opvangen door in 2019 om een voorlopige aanslag ib te vragen waarin ze het recht op (het belastingdeel) in de heffingskortingen claimen.

      • Hallo . . . 215 euro netto per maand . . . Is dat een niet al te hoog bedrag? Alles is natuurlijk relatief, maar ik vind het er nogal inhakken. Het is geen tientjes kwestie.

      • Het is beduidend lager dan die 215 Euro per maand, want – als gezegd- u telt ten onrechte de premiedelen v.v. mee in uw berekening.

      • Als het lager is, beduidend . . . nog beter, dan is dat alleen maar prima. Dat zou mooi zijn.

        Wat u zegt tav die premiedelen, snap ik niet. Ik betaal geen premie v.v. Die 215 euro haal ik uit de groene tabel met kolommen met en zonder heffingskorting.

        Dat is natuurlijk een tabel die van toepassing is op Nederlanders in Nederland. Bedoelt u dat wellicht?

      • Die groene tabellen zijn bestemd om tegelijkertijd de loonbelasting en de premies volksverzekeringen te berekenen over inkomen uit vroegere arbeid. Ze bevatten ook (bepaalde, niet alle omdat er ook individuele zijn) heffingskortingen, maar dan zijn het dus zowel de belastingdelen als ook de premiedelen in die heffingskortingen.
        Het verschil tussen loonheffing met en zonder heffingskorting is uit die groene tabellen inderdaad goed af te lezen. Maar per definitie is dat dan het totaal van de heffingskorting over het belastingdeel en het premiedeel. Het belastingdeel betreft slechts een klein deel (ongeveer 15%) van deze totale heffingskorting. Dit heeft te maken met de in hoofdstuk 8 van de WetIB2001 neergelegde systematiek van samenstelling van de (standaard)heffingskorting. Volgend jaar verandert dat ook kwantitatief gezien weer enigszins doordat geleidelijk gewerkt wordt naar een “twee-schijvenstelsel” Ik heb daar op deze site over geschreven in een column over het Regeerakkoord 2017 en recent bij toelichting op het Belastingplan 2019.
        Overigens zullen gepensioneerde verdragsgerechtigden in het kader van de voorheffing zorgbijdrage nog steeds (dus ook in 2019) te maken krijgen met toekenning van een deel van hun heffingskorting. Bij hoofdverdragsgerechtigden gaat het dan om het WLZ-deel in de algemene heffingskorting en in de ouderenkortingen. Dat wordt niet veranderd door de maatregel die in deze draad besproken wordt. Zie de website van het CAK over de huidige systematiek. Ook daar gaat in de toekomst in de voorheffing wel iets veranderen, maar dat is kennelijk nu nog niet aan de orde.

      • Ik heb nog eens naar de cijfers voor 2018 gekeken, en concludeer:
        1. Het genoemde geringe aandeel (ik schatte 15% ) van het belastingdeel in de (standaard)heffingskorting is te laag geschat, maar in 2018 is dat 24%. Ik dacht nog aan een aantal jaren geleden toen het tarief in de eerste belastingschijf (daar wordt dat deel uit berekend) veel lager was. In 2018 is dat tarief 8,90%. Verder geldt dat aandeel voor de witte tabellen, dus degenen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt. Bij de ouderen vervalt het AOW deel in de heffingskorting. Ze betalen immers ook geen premie AOW.
        2. Met de door u genoemde gegevens van hierboven (17456 Euro bruto AOW en 24745 Euro bedrijfspensioen) leidt dat ertoe dat men door het vervallen van de heffingskortingen in de loonbelastingsfeer uiteindelijk 334 Euro op jaarbasis vermindering heeft aan heffingskorting (voor de algemene + de ouderenkorting althans) als de maatregel al in 2018 zou zijn ingevoerd. Dat is dus inderdaad beduidend minder dan 215 Euro per maand. De reden is dat bij een dergelijk wereldinkomen de algemene heffingskorting veel lager is dan bij een laag inkomen en de ouderenkorting slechts 72 Euro. In de alg. heffingskorting zit namelijk een afbouw vanaf 20142 Euro van 0,04683 van het meerdere. De ouderenkorting is slechts 72 Euro boven 36346 Euro.
        Voor lagere inkomens (tot 20142 Euro dus) is het maximaal te behalen belastingdeel in beide kortingen bij elkaar 1228 Euro, nog steeds over 2018 berekend. Dan loont het bij kbb’ers de moeite om m.i.v. 2019 om een voorlopige aanslag te verzoeken (zeker als men nog andere fiscale voordelen- zoals aftrek hypotheekrente of alimentatieaftrek- heeft.
        3. Hoe dit in 2019 gaat uitpakken? Dat is nog niet helemaal zeker omdat Belastingplan en begrotingen nog niet helemaal door het parlement zijn. Over te verwachten veranderingen heb ik echter al wel geschreven in een draad over het Belastingplan 2019 op deze site. Het komt erop neer dat de wat lagere inkomens onder de niet-kbb ers gepensioneerden wonend in het buitenland het meest getroffen worden door de in deze draad aan de orde zijnde maatregel. Gegeven de KBB systematiek is dat echter nog steeds een zaak die in de sfeer van de liquiditeit ligt. Immers: als de maatregel niet was ingevoerd moeten ze toch terugbetalen op aanslag ib in een later jaar. DE discussie over het (negatieve) effect van de al in 2015 in gevoerde KBB maatregel is dus veel belangrijker dan over deze maatregel t.a.v. loonheffing die in 2019 ingaat.

      • Dank u wel voor uw reactie en excuses voor mijn late reactie. Ik heb mijn laptop een week niet uit de kast gehad.

        Het is altijd zo met dit soort onderwerpen: op het moment dat het niet bij jezelf speelt, gaat het langs je heen; pas als het je raakt, dan schrik je en duik je erin. Ik zag wel altijd op het jaaroverzicht van de SVB: “heffingskorting: ja”, maar heb nooit precies geweten wat dat exact inhield . . . “het zal wel . . . “.

        Wij waren daarom erg geschrokken, toen wij een groene tabel kregen toegestuurd, waaruit bleek dat de maatregel om dé heffingskorting niet meer toe te passen ons 215 € per maand zou gaan schelen. Pas toen u mij erop attent maakte, dat het alleen het belastingdeel van de heffingskorting betrof, ben ik gaan speuren. Met het begrip heffingskorting was ik dus niet bekend, laat staan met het belastingdeel en het premiedeel ervan. Inmiddels begrijp ik al hoe de bruto-naar-nettoberekening van de eigen AOW-uitkering tot stand komt.

        Ik ben dus weer redelijk bij en mijn eerste schrik van 215 € per maand heeft zich inmiddels gerustgesteld tot een kleine 50 € per maand. Is nog flink, maar het scheelt wel. (De SVB houdt geen rekening met een wereldinkomen en de ouderenkorting, denk ik, kan alleen in een IB-aangifte worden geldend gemaakt, een mogelijkheid die wij als niet-KBB-ers niet hebben. De totaal haalbare heffingskorting over 2018 is – ook volgens de website van de SVB – 1157 euro. Daarvan bedraagt het belastingdeel een kleine 550 euro.)

        Het wachten is nu op de door de SVB beloofde brief in december met de exacte bedragen.

        Echter, waar we volgens mij ook op kunnen wachten is op de (uitvoering van de) maatregel, dat ook het laatste deel, het WLZ-deel, van de heffingskorting niet meer door de SVB zal worden toegepast. Dit om te voorkomen dat niet-verdragsgerechtigden ook “ten onrechte” daarvan profiteren. Toch ook weer een kleine 600 euro.

      • Dat de SVB het WLZdeel in de heffingskortingen, in het kader van de heffng van de zorgbijdrage aan CAK (dus vermenigvuldigd met woonlandfactor) , niet meer zou gaan toepassen lijkt me onwaarschijnlijk omdat de SVB wel de premie blijft innen. Wel zijn er (al een aantal jaren) plannen om de heffing van de zorgbijdrage, die nog op adm. problemen kan stuiten nu pensioenfondsen en SVB alle moeten heffen en soms boven de maxima van de inkomensgrenzen, dit te gaan veranderen. Dat is echter nog niet vastgelegd in de Regeling ZVW.

  8. Afijn, we merken het wel. In december komt er nog een brief van de SVB en dan hoop ik dat u gelijk heeft, dat het bedrag per maand “beduidend” minder is dan 215 euro. Ik zal het u laten weten.

    Dank zover voor al uw reacties en prettige avond.

    Karin Mollee

    Antwoord
  9. vanaf 1 januari 2019 houdt mijn nederlandse pensioen gever geen rekening meer met heffingskorting en ouderenkorting.

    had die eerst wel. ben woonachtig in duitsland maar via verdrag ned. Duitsland 2015 weer belastingplichtig in nederland pensioengever houdt ook belasting in en de heffingen die naar het cak gaan. dus hoe kan ik vanaf 2019 geschaard worden onder de buitenlands belastingplichtigen.
    kan niks verrekenen met duitse belastingdienst. Door deze kromme belastingtruc door nederland ga ik er financieel per kwartaal een kleine euro 490 netto op achteruit van mijn nederlandse pensioengever dnbtkp in groningen.
    Kan tussentijds niks aanvragen bij belastingdienst in nederland moet wachten tot eind 2019 met aanvragen en joost mag weten wanneer het ten onrechte ingehouden belasting wordt terugbetaald. Dit is pure discriminatie. bezit nederlandse nationaliteit ben in bezit van bsn
    en ben belastingplichtig in nederland. M.p. van os

    Antwoord
    • Wie een Nederlands inkomen heeft en niet in Nederland woont is een “buitenlands belastingplichtige”. Als u zowel over het pensioen als over de AOW in Nederland belastingplichtig bent u waarschijnlijk een “kwalificerende buitenlands belastingplichtige”, die aanspraak maakt op belastingvermindering in Nederland zoals de heffingskorting. In dat geval krijgt u de heffingskorting per belastingaanslag uitgekeerd. Als u dat te lang duurt, kunt u een voorlopige aanslag aanvragen.

      De inhoudingen van de zorgbijdrage hebben geen relatie met het belastingheffingsrecht. Als u in Duitsland belasting zou betalen zouden die heffingen ook plaatsvinden.

      Antwoord
  10. Ook ik heb mijn vragen over deze maatregel.

    Ik woon 5 jaar in Denemarken, ontvang hier o.a. mijn AOW, en betaal in DK. vanaf het begin belasting. In het kader van de “dubbele belastingheffing” ontvang ik betaalde belasting in NL. terug in DK. Betekent dit dan ook dat ik “het belastingdeel van de heffingskorting” in DK. af kan trekken bij mijn belastingaangifte?

    Evenals bij Karin Mollee, heb ik op het jaaroverzicht van de SVB zien staan: “Heffingskorting, ja” en ook niet begrepen wat dit inhield. Hierover heb ik in al die jaren er niets over gehoord of gelezen, er werden nooit bedragen genoemd, en er zijn nooit vragen over gesteld.

    Mijn vraag: Kan dit alles voor mij consequenties hebben?

    Antwoord
    • Het terugontvangen van in Nederland betaalde belasting berust op de zogeheten verrekeningsmethode, en is als hierna geformuleerd in het desbetreffende artikel van het belastingverdrag. Daaruit volgt dat de verrekening altijd is over betaalde (of: te betalen) Nederlandse belasting, dus met inbegrip van daarvan af te trekken (belastingdeel) van de heffingskortingen:
      5 a. indien een inwoner van Denemarken inkomsten verkrijgt die in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag in Nederland mogen worden belast, staat Denemarken, onverminderd de bepalingen van onderdeel c, een aftrek op de belastingen naar het inkomen van die inwoner toe van een bedrag dat gelijk is aan de belastingen naar het inkomen betaald in Nederland.
      b. Deze aftrek overschrijdt echter in geen van beide gevallen dat deel van de inkomstenbelasting, zoals deze is berekend vóór het verlenen van de vermindering, dat kan worden toegerekend aan het inkomen dat in Nederland mag worden belast.
      c. Indien een inwoner van Denemarken inkomsten verkrijgt die overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag uitsluitend in Nederland mogen worden belast of in Nederland mogen worden belast overeenkomstig de bepalingen van artikel 15 en artikel 19, mag Denemarken deze inkomsten in de belastinggrondslag begrijpen maar zal het in aftrek toestaan op de inkomstenbelasting dat deel van de inkomstenbelasting dat toerekenbaar is aan de inkomsten verkregen uit Nederland.
      d. Niettegenstaande de bepalingen van letter a en letter b van dit lid, zullen dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Nederland aan een lichaam dat inwoner is van Denemarken, volgens de bepalingen van de Deense wetgeving die betrekking hebben op de vrijstelling van belasting op dividenden die door buitenlandse dochtervennootschappen aan Deense lichamen worden betaald, worden vrijgesteld van Deense belasting.
      Indien dividenden evenwel niet in aanmerking komen voor de vrijstelling van Deense belasting, zal Denemarken – naast de aftrek van belasting zoals bedoeld in letter a en b – op de belasting over deze dividenden in aftrek toestaan de verschuldigde belasting over de winst van waaruit deze dividenden zijn betaald overeenkomstig artikel 4 van de richtlijn van de Raad van de EG van 23 juli 1990 betreffende de gemeenschappelijke fiscale regeling voor moedermaatschappijen en dochterondernemingen uit verschillende Lid-Staten, zoals deze kan worden gewijzigd.
      e. In het geval een natuurlijke persoon gedurende een periode van vijf jaar of meer inwoner van Denemarken was en inwoner van Nederland is geworden en op grond van de nationale wetgeving van Denemarken belast is geweest ter zake van vermogenswinsten op aandelen tot aan het moment van de wijziging van zijn woonplaats, verleent Denemarken, indien de aandelen vervolgens worden vervreemd en de winsten van deze vervreemding in Nederland worden belast, een aftrek van de belasting over het inkomen tot een bedrag dat gelijk is aan de inkomstenbelasting die in Nederland wordt betaald met betrekking tot het inkomen dat in Denemarken was belast. Deze aftrek zal echter niet de inkomstenbelasting zoals deze berekend is vóór het verlenen van de vermindering, die over het bedoelde inkomen in Denemarken is geheven, overschrijden.

      Antwoord
  11. Deze maatregel is een aanslag op ons leven van AOW 1400 Euro 150 er af elke “ gewone “ Nederlander gaat er op vooruit een leugen dus .
    Hoe krijg ik die overhevelings toeslag terug ???
    Ik doe hier volgens het woonland beginsel aangifte en betaal belasting over mijn AOW en nu dus ook in Nederland dat kan toch niet !!!!!!

    Antwoord
    • We hebben het in deze draad niet over “overhevelingstoeslag”maar het belastingdeel in de heffingskorting. Zoals in het eerste bericht is genoemd en later nog eens uitgelegd is dat terugkrijgen eenvoudig:
      1. slechts kbb’ers (kwalificerende buitenlands belastingplichtigen) komen ervoor in aanmerking (anders kun je het beter laten rusten). Zal men in 2019 kbb’er zijn dan zijn er twee mogelijkheden:

      2.a. men kan kiezen reeds nu een voorlopige aanslag inkomstenbelasting bij de Ned. belastingdienst (meestal is dat BD Heerlen) aan te vragen waarin die heffingskorting verwerkt wordt. Je kunt in zo’n aanvraag voor voorlopige aanslag dan ook andere posten verwerken zoals hypotheekrenteaftrek, partneralimentatie , etc.; OF:

      2.b. men kan wachten tot aangifte inkomenstenbelasting over 2019 (dus in 2020) en een beroep doen op de KBB regeling om die heffingskorting alsnog te krijgen.

      Het voordeel van 2.a is dat men eerder over die heffingskorting beschikt (namelijk in de loonbelastingsfeer zoals tot voor kort gebruikelijk). Nadeel is meer administratie en een kans dat men na aanslag ib2019 alsnog iets van die heffingskorting moet terugbetalen.

      Antwoord
  12. De nl overheid is en blijven dieven. Waarom onderscheid in aow uitkeringen. Of ik nu in nl woon of in een eu land, wat is het verschil. Waarom krijgt men in nl wel de heffingskorting en in het buitenland niet meer. Misschien zeer omslachtig dat er wat terug te halen is in 2020. Waarom moeilijk maken als het makkelijk kan. Iedereen zou er op vooruit gaan per 1/1-19, ik ging er 111,- op achteruit, moet men in Nederland eens doen. Dit is toch inderdaad schandalig en discriminerend. Ja gaat u gerust over de Nl grens wonen is uw recht, vrije verkeer van personen en goederen in de Eu maar dan komen de financiële consequenties, daar hebben we het niet over, wij Nl overheid wijzigen de spelregels tijdens de rit, punt. Deze roversbende weet alles beter.

    Een ander punt is, men heeft het steeds over kwalificeren [overigens vreemd woord in de belastingsfeer, maar dat terzijde] Er valt niet te kwalificeren, in mijn geval wordt het pensioen belast in Nederland en de aow in Deutschland, dit is me gewoon door de strot geduwd niks te kiezen er wordt alleen maar bepaald en zo harkt de nl overheid het geld van de burger binnen. Bedrijfsleven ontzien c.q. constructie’s afsluiten. Overigens vóór 2015 was het anders en eenvoudiger, beide inkomsten werden toen in Nederland belast, eenvoudiger en duidelijk voor elke Nederlander gelijk.

    Antwoord
  13. Het niet meer verstrekken van de heffingskorting door (o.m.) de SVB is, zoals ergens hierboven is aangegeven, een gevolg van de Regeling Kwalificerende Buitenlandse Belastingplicht (KBB). Wie kwalificeert kan de heffingskorting per voorlopige aanslag aanvragen of ontvangt hem bij de aanslag inkomstenbelasting. Wie niet kwalificeert maakt geen aanspraak meer op de heffingskorting.

    De Regeling KBB een onderwerp is waar de VBNGB veel moeite in steekt. De zeer nadelige gevolgen voor veel van onze leden en de omstandigheid dat de maatregel zonder enige vorm van overgangsregeling is ingevoerd hebben wij al vele malen naar voren gebracht. Er is en brief naar de staatssecretaris van Financiën gestuurd en er zijn meerderere gesprekken over dit onderwerp geweest met Tweede Kamerleden. Tot nu toe hebben wij geen bereidheid gevonden iets aan de regeling te doen. Nu is de VBNGB een proefproces gestart over de omgang van de Belastingdienst met van de uitzonderingsregels.

    De regeling met het keuzerecht, die tot 2015 werd gehanteerd, is natuurlijk veel gunstiger voor emigranten dan de huidige regeling. Die regeling is veranderd omdat zij niet voldeed aan Europese regels. Een van de belangrijkste daarvan is dat belastingvermindering in principe door het woonland moet worden verleend, niet door het bronland (waar het inkomen vandaan komt). Pas als dat niet mogelijk is omdat (vrijwel) het gehele inkomen in het bronland wordt belast, moet het bronland dat doen. Indien men in de laatste omstandigheid verkeert “kwalificeert” men (in de Nederlandse terminologie).

    De heffingskorting in Nederland is in de plaats gekomen van een belastingvrije som. Andere landen, zoals Duitsland, hanteren een belastingvrije som. Voor het gedeelte van het inkomen waarover belasting wordt betaald in het woonland wordt gebruik gemaakt van het belastingvoordeel van die belastingvrije som. Er is dus wel enige vorm van belastingvermindering.

    Dat het betalen van belasting over de AOW niet op verzoek is gebeurd en dat men hierdoor belastingvoordelen in Nederland verliest is waar. AOW-gerechtigden in Duitsland hebben echter tegenover andere woonlanden het voordeel dat de in Duitsland geheven belasting over de AOW aanmerkelijk lager dan die in Nederland.

    Antwoord
  14. Goede morgen, ik woon sinds 40 jaar in Zwitserland en heb vanuit NL een kleine AOW uitkering (zo’n 189 Euros) en een mini ABP (defensie) pensioen. Volgens het belastingverdrag (meen ik begrepen te hebben) zijn beide uitkeringen in CH belastingplichtig, ik heb dus hier tot op heden over deze uitkeringen ook belasting betaald. In NL doe ik geen aangifte. Tot 1.1.2019 werd er op beide betalingen uit NL niets ingehouden. Nu de ‘loonheffingenkorting’ niet meer toegepast mag worden, houdt de SVB plotseling zo’n 17 Euros ‘gelabeld’ als ‘loonheffing’ in op m’n AOW betaling. Ik hoop nu – ik meen ook begrepen te hebben dat ik, met ca 5000 NL inkomsten p.jr., niet als buitenlands belastingplichtige in NL kwalificeer – dat de Belastingdienst Buitenland in Heerlen positief reageert op mijn verzoek tot ‘vrijwaring van inhouding loonheffing’ door de SVB. Overigens is zo’n vrijwaring van heffing op het ABP gedeelte door de belastingdienst in Heerlen – toen op aanraden van het ABP aangevraagd – vanaf de start van die betaling verleend. Wat een gedoe. Ton van IJzendoorn.

    Antwoord
    • Voorzover die loonheffing betrekking heeft op loonbelasting ligt het vermoedelijk niet voor de hand dat de SVB die loonheffing inhoudt op uw AOW. Althans als uw pensioenen, waaronder AOW, en afgezien van overheidspensioen, het bedrag van 20000 Euro jaarlijks niet te boven gaat is de heffing namelijk bij verdrag toegewezen aan Zwitserland. Al eerder is gebleken dat in de voorlichting over het niet langer toekennen van de heffingskorting (belastingdeel), en de feitelijke heffing per 1 januari 2019 over pensioenen, instanties fouten maken. Bezwaar tegen de heffing, of een verzoek om vrijstelling met terugwerkende kracht lijkt in uw geval wenselijk.

      Antwoord
  15. L.S. Een toevoeging: de essentie van mijn ‘post’ is dat door deze nieuwe wetgeving de SVB nu een loonheffing toepast op een uitkering die – a – voorheen niet belast werd – en – b – die, volgens het toepasselijke belastingverdrag (NL-CH), in Nederland niet belastingplichtig is en dus ook nu niet belast zou mogen worden. Overigens heb ik waarschijnlijk (?) – bij de aanvang van de AOW betalingen aangevinkt ‘loonheffingenkorting, “ja”. Omdat er bij de vooraankondiging van het uit te betalen AOW bedrag door de SVB vastgesteld werd dat er geen loonheffing zou plaatsvinden, had dit geen gevolgen. Nu die ‘heffingskorting’ per nieuwe wet vervalt en deze niet meer op de loonheffing – die was weliswaar nul – toegepast mag worden, verschijnt de wegvallende korting nu als loonheffing van 17 Euros p/mnd….. Althans, ik denk dat het zo zit?

    Antwoord
    • Indien in het belastingverdrag een inkomensgrens wordt gehanteerd, zoals in het verdrag met Zwitserland, kan de SVB niet weten hoe hoog het totale inkomen van iemand is en dus ook niet of de AOW in Nederland of in het woonland moet worden aangegeven. In zo’n geval past de SVB in principe loonheffing toe, totdat om vrijstelling wordt gevraagd.

      Wat waarschijnlijk gebeurd is, is dat er bij u altijd sprake is geweest van loonheffing, maar dat de heffingskorting hoger was dan de verschuldigde belasting, waardoor de loonheffing nul was. Nu de heffingskorting niet meer wordt toegepast ziet u opeens dat er loonheffing wordt ingehouden.

      Antwoord
  16. Beste heren De Voogd en Meijnderts, bedankt voor uw goeie reacties. Ik ga er ook van uit dat het door mij vorige week ingediende verzoek om ‘vrijwaring loonheffing’ door de ‘Belastingdienst Buitenland’ toegekend wordt. Ik heb zonet ‘DBA NL-CH’ er nog eens op nagelezen en moet erkennen dat de SVB – zij kunnen idd niet weten of ik de NL inkomensgrens van 20’000 Euros (art. 18) overschrijd – in dezen van de aangeklaagdenbank mag stappen. Of voorheen de korting groter dan de heffing was, dan wel, of er voorheen geen heffing was en de nu niet meer toegepaste korting op de vroegere niet bestaande heffing nu als heffing verschijnt zal waarschijnlijk nooit duidelijk worden. Uw uitleg, meneer Meijnderts lijkt me echter meer plausibel 😉 Met vr. groet.

    Antwoord
  17. Woon in ZA, ben niet belastingplichtig, heb hier geen inkomen. Ook niet in Nederland. Heb alleen AOW en een klein pensioentje van een ander bedrijf. Ik heb zgn heffingskorting gekregen over een bedrag wat ik nooit gekregen heb. Mijn bruto AOW was altijd hetzelfde als mijn netto AOW. Hoe kan zo iets. Bij een vriendin van mij die in hetzelfde bootje zit heeft er 17 euro bijgekregen en ik 38 euro eraf. Heb maar 70% AOW.
    Laat het erook niet bij zitten.

    Antwoord
  18. Zweden meldt zich. Dank voor de goede antwoorden op de diverse posts.
    Persoonlijke situatie: 2,5 jaar in Zweden, AOW en klein ABP-pensioen. AOW €84/mnd minder per 1 januari, nooit enig bericht over ontvangen. Deel de woede met velen hier.
    Wat mij als alleenstaande zonder familie interesseert: stel dat iemand, onweerlegbaar kbb’er, niet (meer) in staat is adequaat op deze onderhuidse aanslag op een niet royaal inkomen te reageren, wat dan? Wie behartigt de belangen van deze mensen?
    Er moet een groot aantal mensen zijn van wie zonder meer vast te stellen is dat ze kbb’er zijn. Waarom kunnen deze mensen niet als vanouds meteen de heffingskorting toegepast krijgen?

    Hierboven zag ik de raad een voorlopige aanslag over 2019 aan te vragen. Tot wanneer is daar gelegenheid voor (datum) en wat moet er aan bescheiden naast zo’n aanvraag overlegd worden? B.v.b. dank voor een antwoord.

    Antwoord
    • Het punt dat men , bijv. indien men het voorgaande jaar al kbb’er was en er geen signalen zijn dat er een wezenlijke verandering in situatie is aan het einde van het jaar, een automatische verlenging van die status krijgt (en dus heffingskortingen in de loonbelastingsfeer, lijkt me nuttig om aan te kaarten bij het Ministerie van Financiën. Zo gaat het immers ook bij toeslagen.
      Voorlopige aanslag 2019 aanvragen (geen einddatum) kan online via MijnBelastingdienst.nl (Digid en bsn-nummer vereist) of door een formulier daartoe op te vragen bij Belastingdienst (Heerlen).

      Antwoord
      • Geachte meneer de Voogd,

        Dank voor uw snelle reactie en uw advies aangaande het aanvragen van een Voorlopige aanslag 2019.

        Uw vergelijking van de heffingskorting met toeslagen is een goede. Inderdaad vroeg ik mij af of ieder jaar opnieuw een Voorlopige aanslag moet worden aangevraagd. Het zou schelen als die automatisch wordt toegestuurd. Verandert er iets in iemand’s situatie dan kan de persoon in kwestie dat melden.

        Mag ik u verwijzen naar een bericht dat ik via het contactformulier verzonden heb? Hoewel daarin een persoonlijke situatie besproken wordt zit er een algemene lijn in dit geheel die naar ik hoop voor het geval-AOWheffingskorting waardevol is.

  19. https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/berichten/nieuws/loonbelastingtabellen-inwoners-belgie-aruba-suriname

    “Welke loonbelastingtabellen gebruikt u voor werknemers die inwoner zijn van België, Aruba en Suriname?

    20-03-2019

    Sinds 1 januari 2019 hebben in principe alleen inwoners van Nederland recht op het belastingdeel van de algemene heffingskorting (zie paragraaf 7.3.7 van het ‘Handboek Loonheffingen 2019′). Maar door belastingverdragen hebben inwoners van België, Aruba en Suriname hier ook recht op. Hierover hebben we veel vragen gekregen, bijvoorbeeld welke loonbelastingtabel u dan moet gebruiken.
    Voor inwoners van België gebruikt u de loonbelastingtabel voor inwoners van een land van de landenkring, en voor inwoners van Aruba of Suriname de loonbelastingtabel voor inwoners van een derde land. In die tabellen is het belastingdeel van de algemene heffingskorting niet verwerkt.
    Uw werknemer kan het belastingdeel van de algemene heffingskorting via zijn aangifte inkomstenbelasting over 2019 terugvragen. Als hij niet zolang wil wachten, kan hij voor 2019 een voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanvragen. Uw werknemer heeft daarover een brief van ons gekregen.
    Waarom geen verrekening via de loonbelasting?
    Het lijkt logisch om het belastingdeel van de algemene heffingskorting voor deze groep werknemers via het loon of de uitkering te verrekenen. Maar voor 2019 was het niet meer mogelijk om voor deze werknemers loonbelastingtabellen en rekenregels te ontwikkelen. En de kans was groot dat werknemers al een voorlopige aanslag hadden aangevraagd om het belastingdeel van de heffingskortingen terug te krijgen.
    Verrekent u het belastingdeel van de algemene heffingskorting in 2019 toch via de loonbelasting? Dan loopt u het risico dat u de inhouding verkeerd berekent doordat de juiste tabellen ontbreken. En het zou kunnen dat uw werknemer of uitkeringsgerechtigde het belastingdeel van de algemene heffingskorting ten onrechte dubbel krijgt uitbetaald, omdat hij een voorlopige aanslag inkomstenbelasting voor 2019 heeft aangevraagd. Hij moet dan het bedrag dat hij te veel heeft gekregen, via zijn aangifte inkomstenbelasting over 2019 weer terugbetalen.
    Beide risico’s voorkomt u als u de tabellen voor inwoners van een land van de landenkring of voor inwoners van een derde land gebruikt.
    Voor 2020 loonbelastingtabellen voor inwoners van België, Aruba en Suriname
    Voor belastingjaar 2020 komen er aparte loonbelastingtabellen voor inwoners van België, Aruba en Suriname. U kunt het belastingdeel van de algemene heffingskorting dan wél verrekenen via het loon of de uitkering. En we zorgen ervoor dat de werknemer dit deel niet ook via een voorlopige aanslag inkomstenbelasting kan krijgen.
    Wij sturen de rekenregels voor 2020 tijdig aan de softwareontwikkelaars, zodat zij hun software kunnen aanpassen.”

    Antwoord
  20. Er zijn inmiddels tientallen tabellen voor loonheffing door werkgevers, ook geldend voor Nederlandse pensioenfondsen en SVB, UWV e.d. ten behoeve van inhouding belastingen, premies e.d. Uit het Handboel Loonheffingen 2019 (te vinden op belastingdienst.nl) blijken instructies voor internationale situaties. Ik citeer eruit hieronder. Let in het bijzonder op instructies voor foutherstelling door inhoudende instanties (onderaan):

    https://www.belastingdienst.nl/bibliotheek/handboeken/html/boeken/HL/stappenplan-stap_7_loonbelasting_premie_volksverzekeringen.html#HL-07.3.7

    7.3.1 Hoe gebruikt u de tabellen?
    Voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen zijn er de volgende tabellen:
     witte tabellen voor loon uit tegenwoordige dienstbetrekking en loon dat daarmee gelijkgesteld is (zie paragraaf 7.3.2)
     groene tabellen voor loon uit vroegere dienstbetrekking en uitkeringen die daarmee gelijkgesteld zijn (zie paragraaf 7.3.3)
    Afhankelijk van het soort loon gebruikt u dus de witte of de groene tabellen.
    Let op!
    Ook als de dienstbetrekking nog niet is beëindigd, kan toch de groene tabel voor loon uit vroegere dienstbetrekking van toepassing zijn. Bijvoorbeeld bij levensloopopnamen van een werknemer die op 1 januari 61 jaar of ouder is. Of bij een ontslaguitkering die u uitbetaalt vóór het einde van de dienstbetrekking.
    Er zijn witte en groene tabellen voor verschillende loontijdvakken (zie paragraaf 7.3.4). Per loontijdvak zijn er weer tabellen voor werknemers met of zonder vakantiebonnen (zie paragraaf 7.3.7). In de loonbelastingtabellen is vanaf 2019 ook onderscheid gemaakt tussen 3 groepen werknemers:
    1. werknemers die inwoner zijn van Nederland
    2. werknemers die inwoner zijn van een andere lidstaat van de EU, een EER-land (IJsland, Noorwegen en Liechtenstein), Zwitserland of een BES-eiland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) (land uit de landenkring)
    3. werknemers die inwoner zijn van een derde land, dat wil zeggen van een land dat niet valt onder 1 of 2 (zie paragraaf 7.3.7, onder ’tabellen voor werknemers en uitkeringsgerechtigden die in het buitenland wonen’)
    U gebruikt de witte of groene tabel van het loontijdvak van uw werknemer of de tabel voor bijzondere beloningen (zie paragraaf 7.3.6).

    Voor de vraag welke tabel u moet gebruiken, zijn dus de volgende vragen belangrijk:
     Is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking of loon uit vroegere dienstbetrekking?
     Is het tijdvakloon? Zo ja, wat is het loontijdvak?
     Voor welk land wilt u een tabel?
     Is het loon van een werknemer met of zonder vakantiebonnen?
     Is het een bijzondere beloning?

    Tabellen voor werknemers en uitkeringsgerechtigden die in het buitenland wonen
    In de loonbelastingtabellen is vanaf 2019 onderscheid gemaakt tussen 3 groepen werknemers:
    1. werknemers die inwoner zijn van Nederland
    2. werknemers die inwoner zijn van een land uit de landenkring (zie hierna)
    3. werknemers die inwoner zijn van een derde land, dat wil zeggen van een land dat niet valt onder 1 of 2
    Vanaf 2019 zijn er daarom aparte loonbelastingtabellen voor elk van de 3 groepen werknemers. Er zijn dus bijvoorbeeld 3 witte maandtabellen: 1 voor werknemers van groep 1, 1 voor werknemers van groep 2 en 1 voor werknemers van groep 3.
    De reden hiervoor is dat vanaf 1 januari 2019 alleen inwoners van Nederland recht hebben op het belastingdeel van de loonheffingskorting. Niet-inwoners van Nederland hebben daar geen recht meer op. Zij hebben, als ze in Nederland verzekerd zijn voor de volksverzekeringen, alleen nog recht op het premiedeel. Voor het belastingdeel van 1 van de heffingskortingen, de arbeidskorting, geldt een uitzondering: werknemers die inwoner zijn van een land uit de landenkring hebben wel recht op het belastingdeel van de arbeidskorting.
    Landen van de landenkring
    Bij de landenkring horen:
     de lidstaten van de EU (behalve Nederland), inclusief de overzeese gebieden:
     België
     Bulgarije
     Cyprus
     Denemarken
     Duitsland
     Estland
     Finland, inclusief de Älandseilanden
     Frankrijk, inclusief Guadeloupe, Frans Guyana, Martinique, Mayotte, Réunion en Saint Martin
     Griekenland
     Hongarije
     Ierland
     Italië
     Kroatië
     Letland
     Litouwen
     Luxemburg
     Malta
     Oostenrijk
     Polen
     Portugal, inclusief de Azoren en Madeira
     Roemenië
     Slovenië
     Slowakije
     Spanje, inclusief de Canarische eilanden
     Tsjechië
     tot de Brexit: Verenigd Koninkrijk (Engeland, Schotland, Wales, Noord-Ierland), inclusief Gibraltar
     Zweden
     de EER-landen:
     Noorwegen
     Liechtenstein
     IJsland
     overige landen:
     Zwitserland
    BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba)
    7..3.8 Herleidingsregels (in internationale situaties) voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen
    De inhouding van loonbelasting/premie volksverzekeringen bestaat uit 1 percentage dat opgebouwd is uit 4 componenten:
     loonbelasting
     premie AOW
     premie Anw
     premie Wlz
    Er zijn werknemers die door internationale situaties 1 of meer van deze componenten niet hoeven te betalen. Zo zijn er:
     werknemers die alleen loonbelasting moeten betalen
     werknemers die alleen premie volksverzekeringen (AOW, Anw en Wlz) moeten betalen
     werknemers die geen premie hoeven te betalen voor 1 of meer volksverzekeringen
    Voor elk van deze groepen werknemers geldt een ander gecombineerd percentage voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen dan de percentages in de standaardloonbelastingtabellen. Uw salarissoftware berekent deze aangepaste inhouding meestal automatisch.
    Wilt u de inhouding zelf bepalen? Hiervoor kon u tot en met 2016 de zogenoemde herleidingsregels gebruiken, waarmee u uit de standaardtabellen het in te houden bedrag kon herleiden.
    Vanaf 2017 hebben wij voor al deze specifieke internationale situaties ook tabellen gemaakt. Deze situaties noemen we voorlopig nog ‘herleidingssituaties’. De bijbehorende tabellen noemen we daarom voorlopig nog ‘herleidingstabellen’. Deze tabellen kunt u via de rekenhulp Loonbelastingtabellen downloaden. De rekenhulp vindt u op belastingdienst.nl/tabellen.
    Als u te veel of te weinig loonbelasting/premie volksverzekeringen hebt ingehouden
    Het kan zijn dat u bij een werknemer te veel of te weinig loonbelasting/premie volksverzekeringen hebt ingehouden. Bijvoorbeeld doordat u de verkeerde tabel hebt gebruikt of de verkeerde kolom. U hebt dan een nettoschuld aan de werknemer of een nettovordering op de werknemer. Hoofdregel is dat u de onjuiste aangifte herstelt met een correctie. Het maakt daarbij niet uit of u gebruikmaakt van de loon-in-systematiek of de loon-over-systematiek. Die nettoschuld of nettovordering verrekent u met het nettoloon van het volgende loontijdvak.
    U kunt de fout onder de volgende voorwaarden ook zonder correctie herstellen:
     U herstelt de fout binnen het kalenderjaar.
     U verrekent het eerder te weinig of te veel ingehouden bedrag bij een volgende loonberekening door dan meer of minder in te houden.
     In uw loonadministratie maakt u een aantekening hiervan.
     Uw werknemer stemt ermee in dat u de foute inhouding op deze manier verrekent.
    Een foute inhouding van de bijdrage Zvw moet u altijd met een correctie herstellen, ook als het over het voorgaande jaar gaat. Want de werknemer kan dit niet via zijn aangifte inkomstenbelasting herstellen. Zie voor meer informatie over correcties over voorgaande jaren paragraaf 12.4

    Antwoord
  21. Woon in ZA. Ben niet belastingplichtig in Nederland. Mijn man wordt aangeslagen als gehuwd zijnde in ZA. Heb 70% AOW. Heb nooit loonbelasting hoeven te betalen en nu wordt er ineens 52 euro ingehouden. Begrijp er niets van. Kan ik dat dan via een T formulier aan het eind van het jaar terugkrijgen? Bij mijn vriendinnen die precies in dezelfde situatie zijn wordt niets ingehouden.

    Antwoord
    • Bedoelt u met ZA Zuid Afrika?
      In dat geval geldt dat Nederland over uw AOW inkomstenbelasting (en dus ook: loonbelasting) mag heffen. Zie dit in het belastingverdrag:
      art. 17.2 Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een socialezekerheidsstelsel van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast.
      U kunt nu bij voorlopige aanslag vragen om toekenning van heffingskortingen als u Kwalificerend buitenlands belastingplichtige zou zijn. U kunt ook aangifte ib doen na afloop van 2019 als buitenlands belastingplichtige.

      Antwoord
      • Ja ik bedoel Zuid-Afrika. Maar hoe kan het dan dat vriendinnen van mij die in precies dezelfde situatie zitten geen loonbelasting hoeven te betalen? Ik heb ook een klein ING pensioen en daar wordt geen loonbelasting over ingehouden. Mijn pensioen van de SVB bank is 584 euro per maand. Lees dan als je minder dan een bepaald bedrag per jaar verdient je geen loonbelasting hoeft te betalen.
        Kan ik de loonbelasting als de SVB bank dat inhoudt terug vragen via een T formulier? Het enige verschil is dat ik gehuwd ben en mijn vriendinnen weduwe zijn. Ook schrijft de SVB in sommige artikelen dat de mensen er in principe niet op achteruit gaan.

      • Het klopt NIET dat u over uw pensioenen geen loonbelasting aan Nederland dient te betalen op grond van deze regel uit het belastingverdrag met Zuid-Afrika:

        17. 1 Pensioenen en andere soortgelijke beloningen en lijfrenten afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast.
        Hoe er per maand (of welke termijn ook) ingehouden moet worden door SVB vindt u alhier (u moet dan de groene tabellen toepassen). Er wordt op uw AOW zonder loonheffingskorting ingehouden, zoals de groene tabel ook aangeeft. U bent geen kbb’er (door wonen in Zuid-Afrika) en kunt dus geen aanspraak maken op (het belastingdeel in) de algemene heffingskorting en de ouderenkorting. Waarom bij uw (alleenstaande) vriendinnen niets ingehouden wordt van de AOW in 2019 kan ik niet verklaren.
        Zie hier voor de tabellen:
        https://belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/personeel-en-loon/content/hulpmiddel-loonbelastingtabellen

        Het er niet op achteruitgaan houdt slechts in dat in de sfeer van de Nederlandse inkomstenbelasting geen wezenlijke veranderingen in de heffing t.o.v. 2018 is ontstaan. Dit klopt wel ongeveer al zijn de belastingschijven en belastingtarieven iets veranderd. Het nu niet langer toekennen van van heffingskortingen bij de voorheffing op de inkomstenbelasting, wat de loonbelasting is, is wel een wezenlijke verandering t.o.v. voorgaande jaren. Dat geldt voor vrijwel alle buitenlandse belastingplichtigen, behalve die via aanvraag voorlopige aanslag de heffingskortingen kunnen al direct kunnen krijkgen van de SVB (voor Zuid-Afrika is dat echter onmogelijk).
        Er was ooit een Tc biljet voor aanvraag terug te geven loonbelasting voor buitenlandse belastingplichtigen. Dat is afgeschaft. Als u iets terug zou krijgen is dat op basis van het C-biljet (voor aangifte ib voor buitenlandse belastingplichtigen, dus na afloop van het kalenderjaar). Dat is dus een gewone aangifte die ook online kan worden gedaan (met BSN en DIGID nummer). Heeft slechts zin als u tot aangifte uitgenodigd wordt (dan verplicht) of als u denkt iets terug te krijgen van de Nederlandse belastingdienst. Heeft u ooit eerder aangifte ib gedaan vanuit Zuid-Afrika?

      • Beste Jan,

        Bedankt voor het goede advies. Ik heb geen inkomen in ZA, heel lang geleden hielden ze van mijn pensioen van de ING bank ook ineens loonbelasting in wat ik later terug kon eisen van de belasting in Nederland. Heb een bezwaarschrift ingediend bij de SVB en indien dat niets oplevert zal ik een brief schrijven naar de belastingdienst in Heerlen. Ik heb belastingtechnisch niets meer met Nederland te maken want ben al 25 jaar uitgeschreven. Ik kan nu moeilijk hier in ZA een teruggave formulier vragen voor een pensioen wat ik uit Nederland krijg en ook op mijn bank in Nederland gestort wordt.
        Als je geen inkomen in ZA heb hoef ik natuurlijk ook geen belasting te betalen. Mijn man is belastingplichtig hier in het land, omdat hij altijd hier gewerkt heeft. Hij is wel Nederlander, hij krijgt ook geen AOW.

      • U stelt dat u geen inkomen in ZA hebt. Dat is niet juist want u ontvangt AOW uit Nederland, en bent daarvoor in beginsel inkomstenbelasting verschuldigd aan Nederland, niet aan Zuid Afrika. Bezwaar bij SVB of Belastingdienst is slechts zinvol als er teveel loonheffing zou zijn ingehouden door de SVB.

      • Begrijp u niet, u schrijft “het klopt dat u over uw pensioenen geen loonbelasting aan Nederland dient te betalen op grond van deze regel uit het belastingverdrag met ZA.
        Waarom hoef ik dan geen loonbelasting te betalen over mijn pensioen van de ING bank?

      • U heeft gelijk, ik las art. 17.1 van het belastingverdrag verkeerd. Inmiddels heb ik dat gecorrigeerd hierboven door NIET in te voegen in de eerste zin. Nederland heeft dus heffingsrecht over uw AOW en uw ING pensioen. Als er geen heffingskortingen worden toegepast zou ING ook maandelijks loonbelasting moeten inhouden over uw pensioen, ook al is dat klein.
        Hoe dan ook wordt in de sfeer van de aangifte inkomstenbelasting aan Nederland een en ander te zijner tijd rechtgetrokken, zowel eventueel te veel ingehouden loonbelasting op de AOW als te weinig op uw ING pensioen of mogelijk nog andere inkomsten (lijfrenten uit Nederland bijv.). U bent aangifteplichtig over 2019 aan Nederland als er nog belasting te betalen zou zijn (afgezien van een kleine drempel). Nederland zal een voorkomingsmethode toepassen op de te heffen inkomstenbelasting naar de bepalingen van het belastingverdrag (en Zuid-Afrika moet dat ook doen als er door ZA te belasten inkomen zou zijn).

      • Hi Tonny u woont in Zuid Afrika en u man heeft daar gewerkt…dan heeft u man toch ook recht op het Zuid Afrikaanse ouderdoms pensioentje van de SASSA? Hebben jullie daar al eens na geinformeerd?

  22. Update vanuit Zweden.
    SVB gevraagd hoe het zit met die heffingskorting en waarom ik daar geen bericht over heb ontvangen.
    Reactie dat ik daarover middels brieven van 24 oktober en 31 december 2018 geïnformeerd ben en … dat beide brieven “waarschijnlijk” (!) naar mijn berichtenbox op mijnoverheid.nl zijn gestuurd. Ik heb die berichtenbox nooit geactiveerd omdat het mijn voorkeur heeft bepaalde informatie op papier en per post te ontvangen – de mail die ik gekregen zou moeten hebben dat er iets in de berichtenbox geplaatst was kwam niet wat geen wonder is als de hele box niet geactiveerd is. Mijn emailadres is correct opgeslagen bij DigiD zodat daar geen fouten kunnen ontstaan (SVB suggereert mij dat adres te controleren …). Mogelijk is dit meer mensen overkomen, want ik zag dat ik niet de enige ben die geen bericht kreeg. Reden om de SVB er eens grondig op te wijzen dat brieven sturen naar niet geactiveerde berichtenboxen niet bepaald slim is en of men dat eens wil nagaan.
    Vervolgens kreeg ik het met geen mogelijkheid voor elkaar de berichtenbox te activeren. Dus de helpdesk van DigiD ingeschakeld en, grappig, ik kreeg keurig een ontvangstbevestiging, ergo, met mijn emailadres is alles in orde.
    Zo kon ik niet controleren of bedoelde brieven inderdaad daar verstopt bleken. SVB heeft een correct en pittig bericht gekregen waarin ik o.m. vermeld heb er prijs op te stellen mijn informatie op papier en per post te ontvangen (al was het alleen al omdat een pc ook kan haperen).
    Ik kreeg een heel pak papier van SVB toegestuurd, de beide vermiste brieven, een brief als antwoord op mijn vraag (waarin het hele verhaal over de berichtenbox), en een begeleidend schrijven met instructies hoe te handelen aangaande de heffingskortingen. De instructies zijn helder, alleen is ongelukkig dat bezwaar maken slechts tot 8 februari 2019 had gekund. Desondanks zou de brief met instructies misschien voor meer mensen waardevol kunnen zijn. Als dat zo is wil ik hem met plezier delen. In geval vàn, hoe kan ik hem bij u krijgen?
    Alles tezamen, een vreemde gang van zaken. Maar wie weet steken mijn ervaringen andere mensen die in het zelfde schuitje zitten een hart onder de riem.
    Met een vriendelijke groet.

    Antwoord
    • Het lijkt me dat het maar beter is de berichtenbox wel te activeren en de berichten te lezen.
      Fysieke post vanuit Nederland naar het buitenland kan wel, en in Zweden zal het ook wel aankomen, maar in diverse andere landen zijn er problemen met postbezorging.
      Bovendien is elektronische post eerder ontvangen.

      Wat betreft het overschrijden van een bezwaartermijn vallen de gevolgen mee. Wie meent recht te hebben op heffingskortingen (en aftrekposten; dus als je kbb’er bent of zult zijn) kan deze bij verzoek tot voorlopige aanslag bij de belastingdienst opvragen.

      Antwoord
      • Wat is, in de huidige tijd, het nut van een aparte berichtenbox? Nagenoeg iedereen beschikt tegenwoordig een (of meerdere) eigen emailadres(sen) en kan de voor hem of haar bestemde berichten op het eigen emailadres ontvangen. Berichtenboxen ken ik nog uit de tijd van voor het Internet. Wat automatisering betreft dus nog het Stenentijdperk van electronische communicatie. Waarom is er weer een extra drempel opgeworpen in de communcatie tussen burger en overheid? Zelf heb ik de berichtenbox ook niet actief. Deze kan ik ook niet activeren omdat ik geen bruikbaar Digid heb. Deze kan ik niet geactiveerd krijgen omdat ik die berichtenbox niet kan activeren daar ik geen Digid heb. De Nederlandse overheid en uitkeringsinstanties beschikken op verschillende niveaus over mijn emailadres maar zij wensen dit klaarblijkelijk niet te willen gebruiken.

  23. Ik woon sinds 40 jaar in Oostenrijk en krijg sinds oktober 2017 AOW.
    Tot 1.1 2019 is er geen loonheffing ingehouden. Dat moet ik nu na betalen.
    Meld de belasting zich zelf of wat moet ik doen??

    Antwoord
    • Als u zeker weet dat u aan Nederland belasting moet betalen (dat hangt namelijk van het belastingverdrag af en de aard van uw inkomsten) dan moet u aangifte doen (kan met het C-biljet digital). Waarschijnlijk zal de BD u dan overigens ook een verzoek tot aangifte ib sturen.

      Antwoord
      • Hartelijk dank voor het snelle antwoord.
        Ik heb geen idee of ik in Nederland moet betalen.
        Betaal in Oostenrijk al belasting over de AOW en mijn weduwepensioen uit Oostenrijk.

  24. U kunt Karin Hegeraad , de landenvertegenwoordiger Oostenrijk, raadplegen: k.hegeraad@gmail.com. Hierboven schrijft ze echter al dat AOW belast is in Nederland en bedrijfspensioen in Oostenrijk (dus ook een weduwenpensioen van een bedrijfspensioenfonds, maar een ANW uitkering zal belast zijn in Nederland)

    Antwoord
    • Heel heel hartelijke dank voor die informaties

      Antwoord
  25. Hallo,
    Ik moet nog een keertje lastig zijn.
    Naast mijn Aow krijg ik ook nog een mini pensioen van Zorg&Welzijn.
    Dat heb ik pas 2019 terugwerkend van okt.2017 uitbetaald gekomen.
    Moet ik dat nu voor 2019 bij de belasting aangeven of eerder??
    Alvast bedankt voor antwoord

    Antwoord
    • Naar Nederlands recht (en daar gaat het hier vooral om) : 2019. Of dat naar Oostenrijks recht anders zou zijn betwijfel ik.

      Antwoord
      • (1) Dag mevrouw Kuppens,

        Zoals beloofd, reageer ik op uw vraag aan de VBNGB.

        Loonheffing bestaat uit inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen. Ontvangt u in Oostenrijk een weduwenpensioen van een Oostenrijkse uitkeringsinstantie, wellicht het PVA? In dat geval bent u in Oostenrijk verplicht verzekerd tegen ziektenkosten en hoeft u over uw AOW geen premies volksverzekeringen aan Nederland te betalen. De Nederlandse uitkeringsinstantie, de SVB, houdt dan alleen 9% inkomstenbelasting over uw AOW in.

        U zegt dat u al 40 jaar in Oostenrijk woont. Dan kan het haast niet anders, dat het gaat om vrij lage AOW uitkering. Voor elk jaar dat u niet in Nederland heeft gewoond wordt immers 2% op uw AOW gekort. Wellicht dat de SVB geen loonheffing c.q. in uw geval inkomstenbelasting heeft ingehouden, omdat u onder de aanslaggrens van 45 euro zit.

        De AOW wordt in Oostenrijk niet belast. Wel wordt de AOW meegenomen in de berekening van de in Oostenrijk te betalen belasting over uw inkomen, dat wel in Oostenrijk wordt belast. Dit heet Progressionsvorbehalt. Het percentage te betalen belasting over uw totale inkomen wordt berekend en dan alleen toegepast op het inkomen dat in Oostenrijk wel belastbaar is. Dit betekent dus niet, dat uw AOW in Oostenrijk wordt belast, maar slechts wordt meegenomen in de berekening.

        Heeft u van de Nederlandse belastingdienst al een aangiftebrief ontvangen met het verzoek om aangifte over 2018 te doen? Zo niet, dan zou ik die eerst eens rustig afwachten.

        Ik hoop dat mijn reactie u wat meer duidelijkheid verschaft. Zo niet, dan kunt u altijd weer reageren. U kunt mij ook bellen.

        (2) Beste mevrouw Kuppens,

        Belastingvrijstelling zoals in Oostenrijk bestaat – belastingtarief 0% over de eerste 11.000 euro inkomen – kent Nederland niet (meer). De Nederlandse belastingdienst past al bijna twintig jaar heffingskortingen toe.

        Echter, u heeft geen recht op heffingskortingen, omdat uw in Nederland belastbare inkomen, uw AOW, geen 90% uitmaakt van uw totale inkomen. Dat betekent dat alleen loonheffing – in uw geval alleen inkomstenbelasting (2018: 9%) – wordt ingehouden op uw AOW zonder toepassing van de heffingkorting.

        Het is erg vervelend dat de inkomstenbelasting niet direct door de SVB is ingehouden, zodat u nu moet nabetalen. Maar als het gaat om 25 euro per maand, zoals u zegt, betekent dit toch geen 750 euro meer belasting? Vanaf oktober 2017 tot nu zijn 19 maanden. Dat betekent 475 euro. Ook een smak geld, daar niet van, maar een stuk minder.
        Het is wel zo, dat als gevolg van uw AOW inkomen uit Nederland, het percentage aan Einkommenssteuer over uw Oostenrijkse inkomen iets omhoog gaat.

        Ik hoop van ganze harte voor u dat het allemaal mee gaat vallen.

        (3) Beste mevrouw Kuppens,

        Aan de VBNGB schreef u:
        //
        Hallo,
        Ik moet nog een keertje lastig zijn.
        Naast mijn Aow krijg ik ook nog een mini pensioen van Zorg&Welzijn.
        Dat heb ik pas 2019 terugwerkend van okt.2017 uitbetaald gekomen.
        Moet ik dat nu voor 2019 bij de belasting aangeven of eerder??
        Alvast bedankt voor antwoord
        //
        Uw pensioen van Zorg&Welzijn is belastbaar in Oostenrijk, net als uw Oostenrijkse pensioen. Zoals u misschien weet, heeft u in Oostenrijk vijf jaar de tijd om aangifte te doen.

        Heeft u van Zorg&Welzijn (en van de SVB) jaaropgaven gehad van 2017 en 2018? Dan kunt u met deze jaaropgaven uw Arbeitnehmerveranlagung over 2017 en 2018 alsnog invullen en aan het Finanzamt afgeven.

        Echter, u zei eerder dat u een Oostenrijks pensioen heeft. Over dat pensioen is over genoemde jaren al belasting ingehouden door uw pensioeninstantie. Dat zou dan een herberekening betekenen.

        Wellicht kunt u daarom beter eens naar een spreekuur van uw pensioeninstantie gaan. Legt u daar eens uw vragen voor over hoe om te gaan met de AOW en het Zorg&Welzijn-pensioen uit Nederland. Wellicht dat uw pensioeninstantie iets voor u kan betekenen.

        //

        Heel hartelijk bedankt voor uw moeite.
        U heeft me heel fijn geholpen.

  26. Geachte staf,

    Ik ben al maanden bezig om uit te zoeken waarom ik niet in aanmerking kom voor de “ouderenkorting of de alleenstaande ouderenkorting”.
    Ik ben bijna 28 jaar woonachtig in Azie met een onderbreking van 4 jaar (2013 – 2017) in Nederland. 
    Sinds eind november 2019 ontvang ik mijn 54% opgebouwde AOW uitkering alwaar 68 Euro’s loonbelasting over geheven wordt.

    Mijn vraag is, hoe en wat moet ik doen om voor de ouderen/alleenstande ouderenkorting in aanmerking te komen? Er is een wet gewijzigd per 1 januari 2019, maar het blijft voor mij onduidelijk waarom er op een AOW uitkering van slechts 610 Euro’s netto per maand geen mogelijkheid bestaat om voor teruggave in aanmerking te komen.
    Wat moet of kan ik doen om wel in aanmerking te komen voor de eerder vermelde kortingen?

    Met vriendelijke groet,

    (hr) Dutchie 

    Antwoord
    • Voor (alleenstaande) ouderenkorting komt men buiten Nederland wonende slechts als kwalificerend buitenlands belastingplichtige in aanmerking. Wie in Thailand woont als gepensioneerde komt daarvoor niet in aanmerking.

      Antwoord
      • Veel dank voor uw snelle reactie. Is er misschien een mogelijkheid om deze, volgens mij, discriminerende regelgeving collectief een zaak aan te spannen tegen de overheid? Bijvoorbeeld Nationale Bond tegen Overheidszaken, De Nationale Ombudsman of welke invloedrijke instantie dan ook. Naar mijn mening is het onterecht dat ik eerst anderhalf jaar heb moeten wachten n.a.v. de verhoging van de AOW leeftijd naar 66 jaar en 4 maanden en bovendien is de Thaise Baht gedaald naar een dieptepunt van 33 – 34 Baht voor een Euro! Mijns inziens heeft de regering “Rutte 3” al jaren lang geen idee hoe het met de Nederlanders in het buitenland is gesteld.

      • Ik zie geen mogelijkheden op juridische gronden, bijv. op basis van internationaal recht, dus via de rechter, dit aan te kaarten.

      • Gezien vele andere reacties en uw uitleg zal ik mij helaas erbij neer moeten leggen. Op dit en andere forums heb ik ook met respect de uitgebreide uitleg van de heer Lammert de Haan gevolgd en zijn weergave over het belastingstelsel in Nederland, maar ook in andere landen is terecht. Door vele trieste omstandigheden, welke ik om moverende redenen op dit forum niet benoem, ben ik en met mij nog vele andere Nederlanders in een hele fragile situatie beland welke 20 jaar geleden niet kon worden voorzien.
        Ik hoop dat er nog mogelijkheden of kansen zijn om, zoals u al aangaf, via het internationaal recht, dus via de rechter, e.e.a. aan te kaarten.
        Ik zal dit forum blijven volgen tot in lengte van dagen. Veel succes met uw missie en hopelijk veel support van Nederlanders in den vreemde, waarvan ik er een ben.

      • Ik stelde juist dat er m.i. in het internationale recht geen kansen zijn om dit via de rechter af te dwingen (ook niet in het nationale recht overigens). Uitbreiden van de KBB regeling naar een ruimere kring van woonlanden kan slechts via de politiek bepleit worden.

      • Als je kwalificerend bent zijn er heffingskortingen en aftrekposten. Ben je niet kwalificerend buitenlands belastingplichtigde (bijvoorbeeld omdat maar 50% van je inkomen in Nederland belast wordt) heb je deze voordelen niet.
        Lijkt mij toch een geval van discriminatie gebaseerd op woonland.

      • Ja, maar er is onderscheid te maken tussen juridisch toelaatbare en ontoelaatbare discriminatie. In dit geval gaat het om toelaatbare. Slechts bij uitzondering zijn buitenlandse belastingplichtigen gelijk te behandelen aan binnenlandse (bijv. onder de Schumackerdoctrine van de EU).Ook geldt de meestbegunsting niet in termen van “als iets toegestaan is aan de belastingplichtige van het ene woonland dus ook aan die van een ander woonland”.

  27. Ik zit in Zuid Afrika en krijg maar een gedeeltelijk AOW van Euro459 euro Netto per maand…het deel dat ik misloop aan heffingskorting is ongeveer Euro50. Ik overleef net met dit kleine pensioentje en het is mijn enigste inkomen…kan niet naar de dokter of tandarts want heb ik geen geld genoeg voor ook niet een medisch fonds geen geld voor. Geen geld voor enige luxe…leef in armoed en koop tweede hands kleren want nieuw kan ik niet bekostigen. Die Euro50 die ik misloop zou zooooooo welkom zijn

    Antwoord
    • Zit in hetzelfde schuitje, woon ook in ZA en wordt ook gekort met 50 euro per maand, terwijl mijn vriendin in hetzelfde schuitje zit en niet gekort wordt.Ik heb de SVB bank benaderd en ze doen niets.
      Alleen als je ook een inkomen in ZA heb en je betaalt hier belasting dan word je niet gekort. Ik heb hier geen baan dus ook geen inkomen.
      Ja het is idd heel onterecht. Woon in Pretoria

      Antwoord
      • Zoals eerder in deze draad vermeld is dit een uitvloeisel van de regeling KBB, die vanaf 2015 van kracht is. Nederlandse emigranten buiten de EU (plus enkele andere landen) maken geen enkele aanspraak op belastingvoordelen, waarvan de heffingskorting er helaas ook een is.

        Het maakt overigens niet uit of men in het woonland een inkomen geniet of niet. Aanspraak op de heffingskorting is er gewoon niet meer. De SVB kan hier ook niets aan doen. Die mag sinds 2019 de heffingskorting voor alle emigranten niet meer toepassen.

        De VBNGB spreekt zich overigens voortdurend uit tegen de regeling KBB en in het bijzonder tegen de geografische uitsluiting.

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Met het plaatsen van een reactie accepteert u het privacybeleid.