Betrokkene is het niet eens met de hoogte van de verdragsbijdrage Zvw omdat hij, anders dan in Nederland verzekerden, geen werelddekking heeft. Omdat de berekeningswijze van de bijdrage dwingend is voorgeschreven, heeft de Raad de regelgeving exceptief getoetst en daarnaast beoordeeld of de toepassing daarvan in het concrete geval tot een onevenredig nadelige uitkomst leidt. De Raad komt tot het oordeel dat geen sprake van ongeoorloofde gelijke behandeling van ongelijke gevallen. Ook is de hoogte van de verdragsbijdrage in het geval van betrokkene niet onevenredig.
Lees hier de uitspraak


0 reacties