Coalitieakkoord 2021

dec 15, 2021

zie kabinetsformatie2021.nl

Ik citeer uit het coalitieakkoord de belangrijkste aspecten die voor gepensioneerden en pensioenemigranten van belang zijn:

  • We hebben de ambitie om de toeslagen af te schaffen, zodat mensen niet meer verdwalen in de ingewikkelde regelingen of te maken krijgen met hoge terugvorderingen.
  • We investeren in de economie van Caribisch Nederland en nemen maatregelen om het leven betaalbaarder te maken.
  • We blijven ons vanuit Nederland inspannen om samen met Aruba, Curaçao en Sint Maarten te werken aan goed bestuur, de aanpak van corruptie en het duurzaam versterken van de economieën en onderwijs aan de hand van duurzame afspraken.
  • We maken het voor stemgerechtigde inwoners van Aruba, Curaçao en Sint Maarten bij verkiezingen voor het Europees Parlement net zo toegankelijk om te stemmen als in Europees Nederland.
  • We gaan rendabel bijdragen aan de economische ontwikkeling van de Caribische landen door garantieregelingen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), het Nationaal Groeifonds en regelingen voor duurzame energieproductie (SDE++) open te stellen voor aanvragen uit het hele Koninkrijk.
  • We ondersteunen de voorstellen van de Europese Commissie voor een belasting op kerosine op EU-niveau.
  • We verhogen de vliegticketbelasting waarbij de opbrengst deels gebruikt wordt voor de verduurzaming van de luchtvaart en vermindering van leefomgevingseffecten.
  • Speciale aandacht gaat uit naar de bouw van woningen voor starters, senioren en middeninkomens
  • Voor senioren maken we het eenvoudiger een deel van de waarde van het huis op te nemen.
  • De verruimde schenkingsvrijstelling eigen woning wordt geschrapt
  • We zetten in op betere internationale (nacht) treinverbindingen die aansluiten op HSL-knooppunten over de grens, zodat Nederland duurzaam verbonden is. We betrekken Europese fondsen bij onze investeringen om betere grensoverschrijdende verbindingen te creëren.
  • Mede door Schiphol is Nederland een interessante vestigingsplaats voor internationaal opererende bedrijven. Die sterke hub functie willen we behouden.
  • Tegelijkertijd moet er aandacht zijn voor het verminderen van de negatieve effecten van luchtvaart op mens, milieu en natuur. Er spelen rond de luchthaven diverse uitdagingen op het gebied van stikstof, (ultra)fijnstof, geluidsoverlast, leefomgevingskwaliteit, veiligheid en woningbouw. Dit vraagt om een integrale oplossing die zekerheid en perspectief biedt voor zowel de hub functie van Schiphol als de omgeving van de luchthaven. Het kabinet zal hierover in 2022 besluiten en hierbij de opening van vliegveld Lelystad betrekken en hierbij ook de laagvlieg routes in ogenschouw nemen.
  • Ook de luchtvaart moet een bijdrage leveren aan het terugdringen van de CO2-emissies. We ontmoedigen het vliegen over korte afstanden
  • Europese afspraken over het rechtvaardig belasten van de luchtvaart worden actief ondersteund. Het gelijke speelveld binnen de EU en van de EU ten opzichte van derde landen staat hierbij centraal. We willen dat in Europa vervoer per trein zo snel mogelijk, zowel qua tijd als qua kosten, een goed alternatief wordt voor vliegen.
  • We hebben de ambitie om de toeslagen af te schaffen, zodat mensen niet meer verdwalen in ingewikkelde regelingen of te maken krijgen met hoge terugvorderingen. We zetten hiervoor deze kabinetsperiode de eerste stappen. We hebben daarnaast de ambitie het belastingstelsel te vereenvoudigen en te hervormen en zetten ook daartoe de eerste stappen.
  • We verhogen het minimumloon stapsgewijs met 7,5% en houden de koppeling met de uitkeringen (behoudens de AOW) in stand om het bestaansminimum te verstevigen. We komen ouderen tegemoet via een hogere ouderen korting.
  • Hiernaast zorgen we voor lastenverlichting van €3 miljard, met name voor lage- en middeninkomens, werkenden en gezinnen. Daarmee streven we over de kabinetsperiode heen een evenwichtig en gemiddeld positief koopkrachtbeeld voor iedereen na.
  • We voeren het pensioenakkoord uit voor een goed en fatsoenlijk pensioen voor alle generaties.
  • We herijken elke vier jaar het sociaal minimum om vast te stellen of dit toereikend is om van te leven en mee te doen in de samenleving.
  • Het kabinet neemt het advies van de adviescommissie onvolledige opbouw AOW ouderen van Surinaamse herkomst (commissie-Sylvester) en de voorlichting van de Afdeling advisering van de Raad van State terzake spoedig ter hand en zal daarover in overleg treden met de Surinaamse gemeenschap en de Tweede Kamer.
  • Voor mensen met een meervoudige nationaliteit die alleen de Nederlandse nationaliteit als enkelvoudige nationaliteit wensen maar hun andere nationaliteit(en) niet kunnen afstaan, ondersteunen we een privaatrechtelijk Nederlands register ongewenste nationaliteit.
  • We nemen het voortouw en zetten in Europees verband in op versterking van de samenwerking tussen lidstaten op het gebied van digitalisering, onder meer op mensgerichte inzet van kunstmatige intelligentie, digitale ethiek, ontwikkeling van digitale identiteit en cybersecurity en ‘open source’.
  • We erkennen fundamentele burgerrechten online. We versterken daarom veilige digitale communicatie en passen geen gezichtsherkenning toe zonder strenge wettelijke afbakening en controle. We investeren in een sterke positie van de Autoriteit Persoonsgegevens en versterken samenwerking en samenhang tussen de diverse digitale toezichthouders
  • We investeren extra in onderzoek naar en de aanpak van Alzheimer, obesitas en kanker, zowel ten behoeve van volwassenen als van kinderen.
  • We verbeteren en verbreden de toets op het basispakket op basis van een kader voor passende zorg. Er wordt ook gekeken naar bewezen (kosten)effectiviteit in de Wet langdurige zorg (Wlz), Jeugdwet en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015.
  • We vergroten de grip op stijgende zorgkosten van dure genees- en hulpmiddelen en willen dat deze tegen een eerlijke prijs op de markt komen. We zetten in op transparantie in prijsopbouw en -onderhandeling mede door Europese samenwerking.
  • Ouderen moeten gezond ouder kunnen worden in hun eigen of passende omgeving. Dat betekent onder andere inzetten op meer seniorenwoningen en andere woonvormen, levensloopbestendige woningen, mantelzorg, digitale zorg, domotica en valpreventie. Daarbij mag van mensen zelf ook iets verwacht worden. Wij stimuleren gemeenten om mogelijk kwetsbare ouderen vroeg in beeld te hebben en langer thuis wonen mede te faciliteren.
  • Voor een toekomstbestendige ouderenzorg wordt wonen en zorg stapsgewijs gescheiden zodat langer thuis wonen nog meer gestimuleerd wordt. Hierbij is expliciete aandacht voor innovatieve woonvormen en voor de mogelijkheid voor iedereen, ongeacht inkomen, om betaalbaar langer thuis te blijven wonen met zorg.
  • Iedereen blijft eigenaar van de eigen gezondheidsgegevens. Gegevens- en datauitwisseling tussen patiënt/cliënt en aanbieder en aanbieders onderling wordt, conform privacywetgeving, verbeterd waarbij uniformiteit noodzakelijk is. Een goed functionerende persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) voor patiënten is het einddoel.
  • Het eigen risico maken we slimmer en betaalbaarder. Mensen hoeven niet in een keer hun gehele eigen risico te betalen maar een betaling per behandeling tot een maximum van 385 euro. Daarnaast willen we de stapeling van eigen bijdragen monitoren en tegengaan. bijvoorbeeld door maximering van de eigen betalingen bij het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS).
  • We gaan aan de slag met de aankomende vierde evaluatie van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding om het verschil tussen euthanasie en palliatieve zorg te verduidelijken. We versterken de palliatieve zorg inclusief hospices.
  • Over levenseindebegeleiding van ouderen op verzoek verschillen de meningen in de samenleving en in de politiek, ook in deze coalitie. Een ieder zal een persoonlijke afweging maken bij het initiatiefwetsvoorstel ‘toetsing levenseindebegeleiding van ouderen op verzoek’ (Kamerstuk 35534).
  • We zetten in op digitale dienstenbelasting, vliegtaks, CO2-grensheffing en minimum tarief voor winstbelasting om oneerlijke concurrentie tussen lidstaten te voorkomen. Deze worden in principe nationaal geïncasseerd. Ook werken we samen tegen belastingontduiking.
  • Om de democratische legitimiteit te vergroten, willen we dat het Europees Parlement een individuele Eurocommissaris kan doen aftreden. We onderzoeken hoe het systeem van de ‘spitzenkandidaat’ lijsten bij Europese verkiezingen kan worden verbeterd. We staan open voor verdragswijzigingen n.a.v. de conferentie over de toekomst van Europa als dit in het Nederlands en Europees belang is.
  • (..) betere en toegankelijkere dienstverlening voor Nederlanders in het buitenland (o.a. via een sterker postennetwerk).
  • We spannen ons in om besluitvorming in de EU transparanter te maken voor burgers en nationale parlementen. Daarbij willen wij resultaten en toegevoegde waarde van EU-beleid zichtbaarder maken. We verankeren dit in een Europawet.
  • De Rijkswet Nederlanderschap leidt in sommige situaties tot onwenselijke problemen. We herzien het automatisme waarbij Nederlanders met een meervoudige nationaliteit buiten het EU-grondgebied (na tien jaar) hun Nederlanderschap verliezen en maken het voor hen makkelijker het Nederlanderschap te behouden naast hun andere nationaliteit of, voor degenen die het na 1 april 2003 verloren, te herkrijgen.

21 Reacties

  1. Niets dus over een EU nationaliteit aannemen, naast de Nederlandse nationaliteit.

    Antwoord
    • Wel meer in het algemeen over behoud Nederlandse nationaliteit naast een andere, zij het in nogal vage bewoordingen.
      Voor zover erop wordt gedoeld dat voor een emigrant vanuit Nederland met ABP overheidspensioen het gunstig kan zijn de nationaliteit van zijn (EU) woonstaat aan te nemen, in verband met overgang van het belastingheffingsrecht van dat pensioen naar de woonstaat, moet erop worden gewezen dat behoud van een dubbele nationaliteit (met de Nederlandse samen) dat doel in gevaar kan brengen.

      Antwoord
  2. Ik lees:
    “We hebben de ambitie om de toeslagen af te schaffen,” en “We verhogen het minimumloon stapsgewijs met 7,5% en houden de koppeling met de uitkeringen (behoudens de AOW) in stand”.

    Dat betekent dus een fikse aderlating voor degenen, die iedere maand de zorgtoeslag op hun rekening ontvingen en rekenden op de koppeling AOW-minimumloon. Daartegenover staat: “We komen ouderen tegemoet via een hogere ouderen korting.” In het vervolg dus op een houtje bijten voor degenen die niet belastingplichtig zijn in Nederland.

    Antwoord
    • Hoe hoog de aderlating wordt is nog niet duidelijk, maar inderdaad als de AOW niet langer gekoppeld wordt aan het minimumloon, en het financiële nadeel gecompenseerd wordt middels een verhoogde ouderenheffingskorting, zal dat ten nadele zijn van buitenlands belastingplichtigen die niet kwalificeren. (Hoogstens zouden verdragsgerechtigden in de ouderenkrting nog profiteren van een verhoogd WLZ deel). Overigens zal in de vormgeving van de AOW voor ingezetenen rekening gehouden moeten worden met de verhouding tussen de AOW en de bijstand. Ik mag aannemen dat de AOW niet beneden de bijstandsnorm zal kunnen zakken, omdat veel ouderen met alleen AOW dan massaal aio zouden gaan aanvragen.

      Antwoord
      • Hoe bedoel je dat Jan , een verhoogd WLZ deel.
        Wordt de WLZ berekend na aftrek ouderenkorting ?

      • zie mijn column over de wijze van berekening van het WLZ deel in de zorgbijdrage op deze site. Daaruit blijkt dat de hoofdverdragsgerechtigde het WLZ-deel in de standaardheffingskorting krijgt toebedeeld (maal de woonlandfactor). De (alleenstaande) ouderenkorting maakt daarvan deel uit (naast in elk geval de algmene heffingskorting). Overige omstandigheden gelijkblijvend zal een verhoging van de ouderenkorting tot verhoging van dat WLZ-deel in de zorgbijdrage leiden. Voor verdragserechtigden met een niet- of weinigverdiende partner geldt dat ze ook voor de andere delen ( belasting en premie) van de ouderenkorting profiteren van verhoging van de ouderenkorting. De vraag is natuurlijk hoeveel die verhoging van de ouderenkorting gaat bedragen, en of deze een volledige compensatie van het vergrote gat tussen verhoogd mininimumloon en AOW zal inhouden, ook op termijn. Ik vermoed dat dat niet het geval zal zijn. Bovendien speelt de woonlandfactor in de meeste landen een verkleinende rol.

        Kwalificerende buitenlands belastingplichtigen profiteren (zonder invleod van de woonlandfactor) voor het belastingdeel van de ouderenkorting ook van een verhoging.
        Alle reden om dit onderwerp in de gaten te houden en alert te zijn op de vraag of de inkomenseffecten voor pensioenemigranten niet te negatief worden.

      • Hoewel bijstandsbedragen en AOW op netto -niveau afgestemd worden op het netto-minimumloon geven onderstaande bruto-bedragen (per 1.1.2022) , per maand, incl. vakantiegeld, inzicht in de ruimte die er is de bijstandsnormen sterker te verhogen (vanwege koppeling aan te verhogen minimumloon) dan de AOW;

        AOW (beiden AOW bij een paar): 1850,56 Euro
        Bijstand (voor een paar, zonder kostendelerskorting): 1642,54
        AOW (alleenstaand): 1360,93 Euro
        Bijstand (alleenstaand, zonder kostendelerskorting): 1213,06 Euro
        Het gat tussen AOW en bijstand is dus ruim 12% (AOW hoger dan bijstand) op bruto-niveau. Het lijkt erop dat de voorgenomen 7,5% verhoging van het minimumloon (stapsgewijs) uit het coalitieakkoord die 12% niet te bovengaat, zodat voorkomen wordt dat AOW ers zonder ander inkomen massaal aio zullen gaan aanvragen. Berekeningen zouden echter op netto-niveau moeten worden gemaakt.

  3. AOWers een hoger ouderenkorting. Dat wordt vast 10 Euro. Meer niet. In ieder geval dus minder dan 7.5%. Het is en blijft dus schande

    Antwoord
  4. Ik zou zeggen: “Nonsense on stilts”. Gewoon de standaard NL overheidspropaganda. Slaat allemaal helemaal nergens op. Aantoonbaar aan alle kanten. Zeker ook vanuit de VBNGB!!

    Jan – ik denk dat je hier zelf over moet nadenken en niet klakkeloos en blind moet weergeven. Alsof er iets van waar zou zijn. Is het niet!

    Jij weet inmiddels toch ook wel beter?

    Rudi Holzhauer

    Antwoord
  5. Wederom wordt er niks gedaan aan de AOW. Schaandalig, maar was van een kabinet olv. de VVD te verwachten.
    De verhoging van de ouderenkorting is slechts een doekje voor het bloeden. Het zal niks wezenlijk bijdragen aan het inkomen van AOW’ers.

    De pensioenregeling voor iedereen is een excuus om straks beslag te leggen op de pensioenfondsen, waardoor zij die nu sparen en zij die gespaard hebben benadeeld worden door hen die niet bij een pensioenfonds zijn aangesloten.

    Antwoord
  6. het zal allemaal wel. Intussen wordt de koopkracht van mijn pensioen met de dag minder en dat al een lange tijd. Woon buiten Europa waar wat goedkoper is maar ook daar voel ik het.

    Antwoord
  7. Mensen die het niet meer redden met hun AOW, zouden maar voor bijstand in hun thuisland moeten aankloppen. Je zal maar in Roemenië of Bulgarije wonen.
    Zelfs in Frankrijk is de bijstand een flink stuk lager dan de Nederlandse AOW.
    En dan wil D’66 ook nog een fiscalisering van de AOW, maw men wil dat je na pensionering ook nog AOW premie mag gaan betalen.
    Maar ja, de opinie in de regering is toch dat Nederlanders die in het buitenland allemaal rijk zijn.

    Antwoord
    • Fiscalisering AOW staat niet in dit coalitieakkoord.
      Voor de goede orde: bijstand is een uitkering, maar deze valt niet onder de materiële werkingssfeer van Vo883/2004. Kan i.t.t. andere uitkeringen krachtens sociale zekerheid daarom niet geëxporteerd worden vanuit een herkomstland. Verblijf mag aan een immigrant komende uit de EU geweigerd door een EU lidstaat indien deze een te zware last voor het bijstandsstelsel van het bestemmingsland zou vormen. Een volledige AOW zal (ook in de toekomst) wel boven het bijstandsniveau van Roemenië of Bulgarije (en dus ook: Frankrijk) liggen.

      Antwoord
  8. Wat ik bedoel te zeggen is als er bezuinigd gaat worden op de AOW dat er vanuit de Nederlandse regering wordt aangegeven maar voor aanvulling aan te kloppen in je thuisland.
    Zoals Jan al aangeeft, zal het niveau van de Nederlandse AOW hoger liggen dan de gemiddelden in de EU, en dan heeft aankloppen voor extra ondersteuning geen zin.

    Antwoord
  9. Taxlive noemt nog wat andere relevante fiscale maatregelen van het coalitieakkoord, zie:

    https://www.taxlive.nl/nl/documenten/vn-vandaag/fiscale-maatregelen-regeerakkoord-rutte-iv/

    • Per 2025 wordt een nieuw box 3-stelsel op basis van reëel rendement worden ingevoerd, waarbij inkomsten uit vermogen worden belast op basis van werkelijk rendement. Vooruitlopend daarop zal per 2023 de leegwaarderatio worden afgeschaft, waardoor de belasting van het rendement op verhuurd vastgoed in box 3 meer zal gaan aansluiten bij de praktijk. De vrijstelling in box 3 wordt verhoogd naar ca. € 80.000. In het nieuwe box 3-stelsel zal sparen en beleggen direct op reëel rendement worden belast; de waardeontwikkeling van vastgoed zal aanvankelijk echter nog forfaitair worden belast, waarbij zo snel als mogelijk de overstap wordt gemaakt naar werkelijk rendement;
    • De verruimde schenkingsvrijstelling eigen woning wordt per 2024 geschrapt: De opbrengst van het afschaffen van deze regeling is afkomstig uit toekomstige schenkingen en nalatenschappen waardoor het structurele niveau na 20 jaar wordt bereikt;
    • De middelingsregeling in de IB wordt per 2023 afgeschaft;
    • Nederland gaat intensief samenwerken met gelijkgezinde EU-landen, bijvoorbeeld bij het tegengaan van belastingontwijking;
    • Griffierechten worden per 2024 verlaagd;
    • Voor laagdrempelige fiscale rechtshulp en directe fiscale bijstand aan burgers wordt structureel € 14 miljoen gereserveerd.

    Antwoord
  10. De AOW had al lang geleden vervangen moeten worden door een geïndexeerd eigen minimumpensioen. Zoals het er nu voor staat is de AOW in handen van de Politiek. Betrokkenen denken er recht op te hebben. Quod non. Slechts recht op ontbering.
    Via de IB betalen AOWers na hun premie betaling zelfs sinds jaar en dag nog eens extra mee aan hun uitkering, nu de AOW deels uit de algemene middelen wordt betaald omdat verdere premieverhoging t.l.v. de werkenden een heet politiek hangijzer is.

    Wat de aanvullende pensioenen betreft, het zou beter zijn dat regenteske pensioenstelsel af te schaffen, zodat betrokkenen zelf kunnen bepalen of en zo ja wanneer, hoeveel en bij wie zij hun oudedagsbesparingen willen onderbrengen. Aldus moeten de pensioenfondsen met andere financiële instellingen concurreren. Vanzelfsprekend impliceert e.e.a. een forse loonverhoging i.v.m. het vervallen werkgeversaandeel. Werkgevers w.o. de Overheid zullen daar niks voor voelen. Dus blijft deze voor de hand liggende oplossing taboe.

    Antwoord
  11. Vadertje Drees keerde zich in zijn graf om toen hij de plannen t.a.v. de AOW van deze rechtse regering vernam. Drees beoogde met de AOW de hardwerkende Nederlander een zorgeloze oudedagvoorziening te geven.
    Afgebroken wordt dit stelsel al jaren en nu krijg het de doodsteek. Wie zich oriënteert over de geschiedenis en de gang van het AOW-stelsel zal ontdekken dat daar waar rechts ook maar enige invloed kon laten gelden de ouderen er steeds slechter aan toe zijn gekomen.
    De uitkeringen worden al heel veel jaren niet op prijsniveau verhoogd.
    Regeren is vooruit denken en dat hebben ze gedaan ook, want als het voor de ouderen niet meer te leven is, zullen ze de pensioenfondsen dwingen om bij te springen door een gezamenlijke Wettelijke Oudedag Voorziening te creëren. Hierdoor zullen de werkenden die hun hele werkzame leven in een pensioenpot ingelegd hebben en structureel op achteruit gaan, omdat het geld ook onder hen moet worden verdeel die nooit bij een pensioenfonds waren aangesloten.
    Mensen die deze mening zullen bestrijden, zullen (waarschijnlijk al heel binnenkort) met de neus op de feiten worden gedrukt.

    Antwoord
    • De AOW-uitkeringen zijn al vele jaren wel geïndexeerd (voor prijsstijging). In het coalitieakkoord staat niet dat dat zal veranderen: de directe koppeling met het minimumloon wordt losgelaten. De pensioenen (uit de tweede pijler- AOW betreft de eerste pijler) zijn door de pensioenfondsen sinds ongeveer 2009 heel vaak niet geïndexeerd (soms zelfs gekort). De gezamenlijke Wettelijke Oudedag Voorziening zoals u die schetst zit er niet in, gegeven het feit dat er een Pensioenakkoord is, dat over een aantal jaren de mogelijkheid biedt de individuele pensioenen te laten meebewegen (= zowel omhoog als omlaag) met het behaalde rendement door het Pensioenfonds. Verdelen van geld uit de Pensioenfondsen over degenen die geen pensioen opbouwden verwacht ik niet. Niets wijst er namelijk op dat het Nederlandse pensioenstelsel omgezet zou worden in een omslagstelsel waarin ook niet verzekerden betrokken zouden worden. De discussie wat betreft de AOW zou zich kunnen beperken tot het onrechtvaardige van het niet voldoende laten stijgen ervan tegen de achtergrond van het feit dat daardoor de (meeste) buitenlands belastingplichtigen getroffen worden.

      Antwoord
  12. Kamervragen 2021Z24170 , met antwoorden
    (ingezonden 23 december 2021)
    Vragen van de leden Van der Lee (GroenLinks), Nijboer (PvdA), Azarkan (DENK), Van der Plas (BBB), Van Raan (PvdD), Omtzigt (Omtzigt), Stoffer (SGP), Van Haga (Groep Van Haga), Tony van Dijck (PVV), Den Haan (Fractie Den Haan) en Dassen (Volt) aan de minister van Financiën over het coalitieakkoord

    Vraag 36.
    Kunt u aangeven hoe de lastenverlichting van drie miljard euro precies is verdeeld onder gezinnen, werkenden en middeninkomens?
    Antwoord op vraag 36.
    In de Startnota is een voorlopige invulling van de lastenverlichting middeninkomens van 3 miljard euro structureel opgenomen. Het belangrijkste onderdeel van deze invulling is de verhoging en snellere afbouw van de arbeidskorting. Daarnaast wordt de ouderenkorting verhoogd, de jonggehandicaptenkorting gehalveerd, de eerste schijf ingekort en het tarief eerste schijf verhoogd. Dit pakket bevat ook de snellere afbouw van de dubbele AHK in de bijstand. Tot slot wordt als onderdeel van de verhoging van het wettelijk minimumloon de zorgtoeslag steiler afgebouwd. Dit staat tegenover de hogere zorgtoeslag- en WKB-uitgaven. Hiermee blijven de toeslagen bij de WML-verhoging budgetneutraal. De steilere afbouw van de zorgtoeslag wordt echter weer teruggedraaid in het pakket lastenverlichting middeninkomens. Het pakket lastenverlichting middeninkomens komt hiermee structureel op 3 miljard euro uit. Op basis van de actualisatie van het macro-economische beeld door het CPB bij het CEP zal het kabinet uiterlijk bij de Voorjaarsnota 2022 de concrete invulling en fasering van dit indicatieve pakket nader bezien.

    Vraag 49. Wordt beoogd om per 2025 alle huurinkomsten te belasten op basis van werkelijk rendement?
    Antwoord op vraag 49.
    In het coalitieakkoord is afgesproken dat per 2025 een nieuw box 3 stelsel op basis van reëel rendement wordt ingevoerd, waarbij inkomsten uit vermogen worden belast op basis van werkelijk rendement. In dit nieuwe box 3-stelsel zal sparen en beleggen direct op reëel rendement worden belast, bestaande uit reguliere voordelen zoals rente, dividend en huurinkomsten en waardeontwikkelingen. De waardeontwikkeling van vastgoed zal aanvankelijk echter nog forfaitair worden belast, waarbij zo snel als mogelijk de overstap wordt gemaakt naar werkelijk rendement.
    Vraag 50. Klopt het dat de hypotheekrenteaftrek de komende kabinetsperiode niet verder wordt afgebouwd?
    Antwoord op vraag 50.
    In het coalitieakkoord zijn geen maatregelen opgenomen die zien op de afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Wel leiden enkele maatregelen binnen de eigenwoningregeling die voorafgaande aan de kabinetsperiode zijn ingevoerd tot wijziging van (het fiscale voordeel van) de belastbare inkomsten uit eigen woning tijdens de kabinetsperiode.
    De per 2019 ingevoerde versnelde stapsgewijze afbouw van het maximale aftrektarief van de aftrekbare kosten eigen woning met 3%-punt per jaar leidt als laatste stap per 2023 tot een aftrektarief dat gemaximeerd wordt op het voor 2023 geldende basistarief van 37,05%.
    Ter compensatie van voorgaande maatregel wordt het percentage van het eigenwoningforfait als laatste stap per 2023 verlaagd met 0,05%-punt.3

    De per 2019 ingevoerde stapsgewijze afbouw van de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld (ook wel regeling Hillen genoemd) leidt in de jaren van de kabinetsperiode jaarlijks tot een verlaging van deze aftrek met 3 1/3%-punt.

    Vraag 51. Waarom wordt de jubelton pas in 2024 afgeschaft? Is het technisch mogelijk om de jubelton al eerder af te schaffen?
    Antwoord op vraag 51.
    In het coalitieakkoord is afgesproken dat de schenkingsvrijstelling eigen woning per 2024 wordt afgeschaft. Deze verhoogde eenmalige schenkingsvrijstelling voor de eigen woning is onderdeel van de aangifte schenkbelasting. Bij het afschaffen van deze schenkingsvrijstelling moet het onderdeel uit de aangifte worden verwijderd. Dit vraagt aanpassingen in de aangifte zelf en in de achterliggende systemen voor de verwerking van de gegevens uit de aangifte. Deze aanpassingen vragen tijd en capaciteit van de Belastingdienst. In 2022 is de beschikbare capaciteit nodig voor afronding van de overgang naar het nieuwe systeem voor de schenk- en erfbelasting. Capaciteit voor het verwijderen van de schenkingsvrijstelling is beschikbaar vanaf 2023. Dit maakt verwijdering mogelijk per 1 januari 2024.

    Antwoord
  13. https://www.maastrichtuniversity.nl/sites/default/files/nl_item_reflectie_regeerakkoord_en_koalitionsvertrag_2021.pdf
    daaruit:
    Grenseffecten Inderdaad wordt erkend dat verschillen in wetgeving en beleid met name gevoeld worden in grensregio’s en deze gekenmerkt worden door een hoge mate van grenspendel wegens economische, sociale en/of persoonlijke redenen. In dit kader wordt aangegeven dat in wet- en regelgeving rekening dient te worden gehouden met de eigen positie van grensregio’s. Dat zou kunnen betekenen dat het toetsen van grenseffecten nu belangrijker wordt. Sinds vorig jaar was het voor de ministeries al een verplicht onderdeel in het kader van het maken en afwegen van beleidsvoornemens en wetgeving, maar de door ITEM ontwikkelde “Leidraad Grenseffecten”4 is nog niet intensief gehanteerd. Een effectieve implementatie zou een belangrijke stap zijn om vroegtijdig de positieve of negatieve effecten van beleid en wet- en regelgeving op het vrije verkeer over de grens, socio-economische en duurzame ontwikkeling aan de grens en cohesie en samenwerking over de grens vast te stellen. In dat geval hadden we wellicht geen nieuwskoppen gehad over boostertoerisme in Aken of winkelen in Antwerpen. Dergelijke grenseffecten hadden dan aan de voorkant kunnen worden onderkend en, waar nodig, gemitigeerd. Hiervoor is het van belang om de verplichte kwaliteitseis Grenseffecten effectief te gaan gebruiken in beleid en daarvoor vakdepartementen van workshops en trainingen te voorzien. De in 2021 door ITEM verzorgde workshop voor BZK GROS vormt hier een eerste stap voor. Een belangrijke rol voor coördinerend minister van Binnenlandse Zaken is gelegen om workshops en trainingen door te zetten en te verbreden naar de verschillende vakdepartementen, alsook effectief toe te zien op naleving van de verplichte kwaliteitseis

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Met het plaatsen van een reactie accepteert u het privacybeleid.

Blijf op de hoogte

Ontvang een e-mail wanneer er nieuwe berichten online staan.